ECLI:NL:RBNHO:2023:11230

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
20 september 2023
Publicatiedatum
8 november 2023
Zaaknummer
10643857 WM
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 WAHVArt. 14 WAHV
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep gegrond wegens verhuur voertuig bij administratieve verkeersboete

Betrokkene kreeg een administratieve boete opgelegd wegens het rijden met een aanhanger 4 km per uur te hard buiten de bebouwde kom. Betrokkene stelde dat het voertuig op het moment van de overtreding was verhuurd en dat de boete daarom aan de huurder moest worden opgelegd. De officier van justitie handhaafde de boete en verklaarde het beroep van betrokkene ongegrond.

Tijdens de zitting verscheen alleen de vertegenwoordiger van de officier van justitie; betrokkene was niet aanwezig. Betrokkene overhandigde een huurovereenkomst waaruit bleek dat de aanhanger met een bepaald kenteken op de dag van de overtreding was verhuurd. De boete betrof echter een ander kenteken, dat volgens de RDW niet bestaat. De kantonrechter concludeerde dat sprake was van een kennelijke verschrijving door het verhuurbedrijf.

Op grond hiervan achtte de kantonrechter voldoende aannemelijk dat de aanhanger die bekeurd is, ten tijde van de overtreding was verhuurd. Daarom werd het beroep gegrond verklaard, de boete en de beslissing van de officier van justitie vernietigd en het door betrokkene betaalde bedrag terugbetaald.

Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de boete wordt vernietigd vanwege verhuur van het voertuig ten tijde van de overtreding.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Handel, Kanton en Bewind
locatie Alkmaar
Zaaknummer : 10643857 \ WM VERZ 23-555
CJIB-nummer : [nummer]
Uitspraakdatum : 20 september 2023
Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV)
in de zaak van
[betrokkene]

1.Het verloop van de procedure en het proces-verbaal van de zitting

1.1.
Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond dan wel niet-ontvankelijk verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
1.2.
De zaak is behandeld op de zitting van 13 september 2023. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is niet verschenen. De kantonrechter heeft na de zitting uitspraak gedaan.

2.Overwegingen

2.1.
De gedraging waarvoor de boete is opgelegd, luidt – kort omschreven – als volgt: 4 km per uur harder rijden dan mag op een (auto)weg buiten bebouwde kom (verkeersbord A1).
2.2.
Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft aangevoerd dat het voertuig ten tijde van de gedraging was verhuurd en dat de boete aan de huurder moet worden opgelegd.
2.3.
De vertegenwoordiger van de officier van justitie heeft op de zitting meegedeeld de beslissing en het standpunt te handhaven en heeft de kantonrechter verzocht om het beroep ongegrond te verklaren.
2.4.
Betrokkene heeft een huurovereenkomst overgelegd waarop te zien is dat de aanhanger met kenteken [kenteken] op 25 juni van 09:25 uur tot 20:45 uur was verhuurd. De boete is echter opgelegd voor de aanhanger met kenteken [kenteken]. Dit is een ander kenteken dan het kenteken op de overgelegde huurovereenkomst. Op de website van de RDW bij kentekencheck wordt aangegeven dat het kenteken [kenteken] niet bestaat. De kantonrechter gaat er daarom vanuit dat het verhuurbedrijf een fout heeft gemaakt met het noteren van het kenteken en dat er sprake is van een kennelijke verschrijving.
In dit geval is het voldoende aannemelijk dat de aanhanger die bekeurd is, ten tijde van de gedraging was verhuurd. Het beroep is dan ook gegrond. De beschikking waarbij de boete is opgelegd en de beslissing van officier van justitie zullen worden vernietigd.
De uitspraak
De kantonrechter:
‒ verklaart het beroep gegrond;
‒ vernietigt de beslissing van de officier van justitie en de beschikking waarbij de
boete is opgelegd;
‒ bepaalt dat de officier van justitie het bedrag dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terugbetaalt.
Deze uitspraak is gedaan door mr. I.H. Lips, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV Pro hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 110,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht.
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Datum toezending: