ECLI:NL:RBNHO:2023:11700
Rechtbank Noord-Holland
- Bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vordering tot uitschrijving uit gehuurde woning toegewezen met dwangsom
Eiser en gedaagde hadden een knipperlichtrelatie en woonden sinds februari 2023 samen in een gehuurde woning waar beiden als huurder stonden vermeld. Na beëindiging van de relatie in maart 2023 is eiser uitsluitend gerechtigd tot gebruik van de woning. Gedaagde heeft de woning verlaten en staat niet langer als medehuurder geregistreerd.
Eiser vordert dat gedaagde zich uitschrijft als bewoner van het gehuurde adres en de huurovereenkomst opzegt, onder verbeurte van een dwangsom. Daarnaast vordert eiser vergoeding voor reparatiekosten en compensatie voor gemiste toeslagen. Gedaagde voert aan dat hij een briefadres nodig heeft om zich uit te schrijven en vraagt een termijn van tien dagen. Hij vordert tevens vergoeding voor door hem verrichte werkzaamheden.
De kantonrechter oordeelt dat alleen de vordering tot uitschrijving toewijsbaar is, omdat gedaagde niet langer op de huurovereenkomst staat en eiser onvoldoende bewijs heeft geleverd voor de overige vorderingen. De uitschrijving wordt toegewezen met een termijn van tien dagen en een gematigde dwangsom. Proceskosten worden ieder voor eigen rekening gelaten.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld zich binnen tien dagen uit te schrijven als bewoner van de gehuurde woning met een dwangsom bij niet-naleving; overige vorderingen worden afgewezen.