ECLI:NL:RBNHO:2023:12121

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
26 september 2023
Publicatiedatum
29 november 2023
Zaaknummer
10631546 \ WM VERZ 23-453
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Deels toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 WAHVArt. 14 WAHVArt. 78 RVV1990
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Gedeeltelijke gegrondverklaring beroep tegen boete voor niet volgen voorsorteerstrook

Betrokkene werd een administratieve boete opgelegd wegens het doorgaan bij een rood verkeerslicht. Hij stelde dat het licht voor rechtsaf rood was, maar hij rechtdoor reed terwijl het licht daarvoor groen was. De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond, maar stelde op de zitting voor de feitcode te wijzigen naar het niet volgen van de richting van de voorsorteerstrook, wat beter overeenkomt met de gedraging.

De kantonrechter oordeelde dat deze wijziging geen nadeel voor betrokkene oplevert en wijzigde de feitcode conform het voorstel. Op grond van artikel 78 RVV1990 is het verplicht de rijrichting van de voorsorteerstrook te volgen om de verkeersveiligheid te bevorderen. Betrokkene had dit niet gedaan, wat voor zijn eigen rekening komt.

Daarom werd het beroep gedeeltelijk gegrond verklaard, de feitcode gewijzigd, maar de boete ongewijzigd gelaten. Het beroep werd voor het overige ongegrond verklaard en er was geen aanleiding tot matiging van de boete. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden binnen zes weken.

Uitkomst: Feitcode gewijzigd naar niet volgen voorsorteerstrook, boete blijft ongewijzigd, beroep gedeeltelijk gegrond.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind
locatie Zaanstad
Zaaknummer : 10631546 \ WM VERZ 23-453
CJIB-nummer : [nummer]
Uitspraakdatum : 26 september 2023
Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV)
in de zaak van
[betrokkene]

Het verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 26 september 2023. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is ook verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Overwegingen

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd, luidt – kort omschreven – als volgt: doorgaan bij een driekleurig verkeerslicht (stoplicht) dat op rood staat.
Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft aangevoerd dat het verkeerslicht voor rechtsaf op rood stond, maar dat hij rechtdoor is gereden. Het licht voor rechtdoor stond op groen, dit is duidelijk te zien op de foto’s, aldus betrokkene.
Gelet op de stellingen van betrokkene en foto’s van de gedraging heeft de vertegenwoordiger van de officier van justitie op de zitting voorgesteld de feitcode te wijzigen naar R619 “op een kruispunt niet de richting volgen die de voorsorteerstrook aangeeft”, omdat deze in overeenstemming is met de gedraging.
De kantonrechter overweegt dat niet gebleken is dat betrokkene door deze wijziging in enig belang wordt geschaad, zodat de feitcode zal worden gewijzigd zoals is voorgesteld.
Op grond van artikel 78 RVV1990 zijn bestuurders van een motorvoertuig en bromfietsers die de rijbaan volgen, verplicht op een kruispunt de richting te volgen die de voorsorteerstrook waarop zij zich bevinden aangeeft. De verplichte rijrichting kan blijken uit pijlen op het wegdek of uit een verkeersbord. De strekking van dit artikel is het bevorderen van een rustig verkeersbeeld en de verkeersveiligheid. Betrokkene had daarom de vóór de kruising gekozen rijrichting moeten blijven volgen. Dat betrokkene dit niet heeft gedaan, dient voor zijn eigen rekening en verantwoording te blijven.
Gelet op de wijziging van de feitcode wordt het beroep gedeeltelijk gegrond verklaard. Het bedrag van de aan betrokkene opgelegde boete wordt niet gewijzigd. Het beroep zal voor het overige dan ook ongegrond worden verklaard. De kantonrechter ziet in hetgeen betrokkene heeft aangevoerd ook geen reden om de boete te matigen.

De uitspraak

De kantonrechter:
 verklaart het beroep gedeeltelijk gegrond;
 vernietigt de beslissing van de officier van justitie, voor zover deze betrekking heeft op de omschrijving van de gedraging en de feitcode in de inleidende beschikking;
 wijzigt de inleidende beschikking in die zin dat als de omschrijving van de gedraging luidt “op een kruispunt niet de richting volgen die de voorsorteerstrook aangeeft” en als de feitcode ‘R619';
 verklaart het beroep voor het overige ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Woerdman, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV Pro hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 110,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht.
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Datum toezending: