ECLI:NL:RBNHO:2023:12307

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
23 augustus 2023
Publicatiedatum
1 december 2023
Zaaknummer
10532325 WM VERZ 23-910
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Bodemzaak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 WAHVArt. 14 WAHV
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging boete voor parkeren in parkeerverbodzone ondanks beroep

Betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd wegens het parkeren van een voertuig op een plek waar dit niet is toegestaan, aangeduid met bord E1 (parkeerverbodzone). Betrokkene stelde beroep in tegen deze boete bij de officier van justitie, die het beroep gedeeltelijk gegrond verklaarde, waarna betrokkene hoger beroep instelde bij de kantonrechter.

Tijdens de zitting op 23 augustus 2023 verscheen alleen de vertegenwoordiger van de officier van justitie; betrokkene was afwezig. De kantonrechter oordeelde dat uit de stukken, met name de verklaring van de verbalisant, voldoende blijkt dat de overtreding heeft plaatsgevonden. De boete is terecht opgelegd en de sanctie was al gematigd door de officier van justitie.

De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond en bevestigt daarmee de boete. De uitspraak is in het openbaar gedaan door kantonrechter S.N. Schipper. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden onder voorwaarden.

Uitkomst: Het beroep tegen de boete voor parkeren in een parkeerverbodzone wordt ongegrond verklaard en de boete blijft van kracht.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie
locatie Haarlem
Zaaknummer : 10532325 WM VERZ 23-910
CJIB-nummer : [nummer]
Uitspraakdatum : 23 augustus 2023
Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV)
in de zaak van
naam : [betrokkene]
adres : [adres]
woonplaats : [woonplaats]
(hierna te noemen: betrokkene).

Het verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep gedeeltelijk gegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 23 augustus 2023 Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Overwegingen

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd, luidt – kort omschreven – als volgt: een voertuig parkeren waar dat niet mag (bord E1, parkeerverbod(szone)).
Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft in het beroepschrift de gronden daarvoor aangevoerd. Betrokkene heeft -kort en zakelijk weergegeven- aangevoerd dat zij in de beslissing van de officier van justitie de onderbouwing van ‘’voor het overige ongegrond verklaren’’ mist.
De kantonrechter is van oordeel dat uit de stukken die zich in het dossier bevinden – met name uit de verklaring van de verbalisant – voldoende blijkt dat de gedraging waarvoor de boete is opgelegd, is verricht. Feitelijk gezien is de gedraging strafbaar en is de boete terecht opgelegd. In de beslissing van de officier van justitie is rekening gehouden met de omstandigheden van betrokkene door de sanctie te matigen. Voor het overige stuk blijft de boete in stand.

De uitspraak

De kantonrechter:
‒ verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S.N. Schipper, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV Pro hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 110,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht.
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Datum toezending: