Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.de publiekrechtelijke rechtspersoon gemeente Medemblik
college van burgemeester en wethouders van de Gemeente Medemblik
Rechtbank Noord-Holland
Eiseres vordert ontbinding van een huurders-gebruikersovereenkomst en openlegging van de administratie van een gemeenschap van percelen, stellende dat gedaagden het beheer zonder haar instemming naar zich toe hebben getrokken. Zij stelt dat zij al vijf jaar geen toegang heeft tot haar woning en dat derden deze gebruiken, waardoor zij dringend een ordemaatregel wenst.
Gedaagden betwisten hun betrokkenheid en stellen geen deelgenoot te zijn in de gemeenschap of eigenaar van het perceel. Zij voeren aan geen gebruikers- of huurovereenkomst te hebben afgesloten en betwisten het spoedeisend belang.
De kantonrechter oordeelt dat het college geen rechtspersoonlijkheid heeft en verklaart de vordering jegens het college niet-ontvankelijk. Ten aanzien van de gemeente stelt de kantonrechter vast dat eiseres geen spoedeisend belang heeft, omdat de gemeente geen eigenaar is en geen overeenkomst heeft gesloten, hetgeen door eiseres niet is betwist.
Daarom wijst de kantonrechter de vorderingen tegen de gemeente af en veroordeelt eiseres tot betaling van de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Vordering tegen het college niet-ontvankelijk verklaard en vordering tegen de gemeente afgewezen wegens gebrek aan spoedeisend belang.