ECLI:NL:RBNHO:2023:13847
Rechtbank Noord-Holland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek tot verschoning rechters wegens schijn van vooringenomenheid in strafzaak
In deze strafzaak met parketnummer 15/870394-19 is door drie rechters van de meervoudige kamer (MK) een verzoek tot verschoning ingediend. Dit verzoek volgde nadat de verdachte, die aanvankelijk voortvluchtig was en zich in het buitenland bevond, was aangehouden en uitgeleverd aan Nederland. De MK had reeds uitspraken gedaan in zaken van medeverdachten waarbij zij zich op specifieke wijze hadden uitgelaten over de schuld en bewezenverklaring van de verdachte.
De wrakingskamer beoordeelde dat hoewel het normaal is dat rechters ook in zaken van medeverdachten oordelen, het in dit geval ging om zodanig specifieke uitlatingen in eerdere vonnissen dat de schijn van vooringenomenheid bij de verdachte objectief gerechtvaardigd is. Hierdoor zou de onpartijdigheid van de rechters in de lopende zaak kunnen worden geschaad.
Op grond hiervan wees de wrakingskamer het verzoek tot verschoning toe en bepaalde dat de zaak door een andere rechterscombinatie zal worden behandeld. De griffier werd opgedragen de betrokken partijen onverwijld van deze beslissing in kennis te stellen. De beslissing werd op 2 oktober 2023 in het openbaar uitgesproken door de wrakings- en verschoningskamer van de rechtbank Noord-Holland te Alkmaar.
Uitkomst: Het verzoek tot verschoning van de drie rechters wordt toegewezen en de zaak wordt aan een andere rechterscombinatie toegewezen.