Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNHO:2023:14053

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
1 september 2023
Publicatiedatum
23 februari 2024
Zaaknummer
10567951 WM
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Deels toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 WAHVArt. 14 WAHVArtikel 5.6 Algemene plaatselijke verordening Dijk en Waard 2022
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Boete voor te lang parkeren kampeerwagen op aangewezen weg gematigd wegens onduidelijke regelgeving

Betrokkene kreeg een boete opgelegd omdat zijn kampeerwagen langer dan de vastgestelde termijn op een aangewezen weg stond, namelijk meer dan drie achtereenvolgende dagen volgens de Algemene plaatselijke verordening Dijk en Waard 2022. Betrokkene stelde dat het voertuig niet langer dan acht dagen had gestaan en dat de regelgeving onduidelijk was omdat het voertuig niet langer dan zes meter en niet hoger dan 2,4 meter is.

De verbalisant constateerde dat het voertuig tussen de eerste constatering en het opleggen van de boete ruim zeven dagen had gestaan, wat de overtreding bevestigde. De officier van justitie handhaafde de boete, maar erkende dat de regelgeving tijdens de parkeerperiode was gewijzigd en dat de gemeentelijke website niet tijdig was aangepast.

De kantonrechter volgde de officier van justitie in het standpunt dat de boete gematigd moest worden vanwege de onduidelijke informatievoorziening. De boete werd daarom gematigd tot nihil en het reeds betaalde bedrag werd aan betrokkene terugbetaald. Het beroep werd gedeeltelijk gegrond verklaard.

Uitkomst: Boete wegens te lang parkeren kampeerwagen wordt gematigd tot nihil vanwege onduidelijke regelgeving en gebrekkige informatievoorziening.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind
locatie Alkmaar
Zaaknummer : 10567951 \ WM VERZ 23-440
CJIB-nummer : [nummer]
Uitspraakdatum : 1 september 2023
Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV)
in de zaak van
[betrokkene]

Het verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 1 september 2023. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is ook verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Overwegingen

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd, luidt – kort omschreven – als volgt: op een aangewezen weg een caravan kampeer/aanhangwagen e.d. plaatsen of hebben langer dan de vastgestelde termijn en is opgelegd op 24 juli 2022.
Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft aangevoerd dat de duur waarop deze kampeerwagen op de weg mag staan 8 dagen is, omdat dit voertuig niet langer is dan 6 meter en niet hoger dan 2.4 meter. Het voertuig heeft er niet langer dan 8 dagen gestaan. Daarnaast is de gemeente niet eenduidig in haar informatievoorziening.
In artikel 5.6 van de Algemene plaatselijke verordening Dijk en Waard 2022, welk artikel gewijzigd en geldend is per 20 juli 2022, is vermeld dat het verboden is een voertuig dat voor recreatie of anderszins voor andere dan verkeersdoeleinden wordt gebruikt langer dan 3 achtereenvolgende dagen te plaatsen op een door het college aangewezen weg.
Op 24 juli 2022 heeft de verbalisant geconstateerd dat het voertuig tussen de eerste constatering (16 juli 2022) en het opleggen van de boete 7 dagen, 23 uur en 8 minuten heeft gezeten. Dit is langer dan de vastgestelde 3 dagen. De gedraging is dan ook begaan en de boete is terecht opgelegd.
De vertegenwoordiger van de officier van justitie heeft op de zitting gesteld dat is gebleken dat de verandering van regelgeving heeft plaatsgevonden tijdens de periode dat het voertuig van betrokkene ter plaatse stond geparkeerd. Vanwege deze omstandigheid heeft de vertegenwoordiger van de officier van justitie zich op het standpunt gesteld dat de boete gematigd dient te worden.
De kantonrechter volgt de vertegenwoordiger van de officier van justitie -met name omdat is gebleken dat de informatie over de gewijzigde regelgeving op de website van de gemeente ten tijde van de gedraging niet up-to-date was- en bepaalt dat de boete wordt gematigd tot nihil.

De uitspraak

De kantonrechter:
‒ verklaart het beroep gedeeltelijk gegrond;
‒ wijzigt de beslissing van de officier van justitie, in die zin dat de boete wordt gematigd tot nihil;
‒ bepaalt dat de officier van justitie het bedrag dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terugbetaalt.
Deze uitspraak is gedaan door mr. D.D.M. Hazeu, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV Pro hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 110,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht.
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Datum toezending: