Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNHO:2023:14081

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
3 oktober 2023
Publicatiedatum
28 februari 2024
Zaaknummer
10653247 \ WM VERZ 23-492
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 WAHV
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep ongegrond tegen boete voor vasthouden mobiel apparaat tijdens rijden

Betrokkene is een administratieve sanctie opgelegd wegens het vasthouden van een mobiel elektronisch apparaat tijdens het rijden. Hiertegen heeft betrokkene beroep ingesteld bij de officier van justitie, die het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens is beroep ingesteld bij de kantonrechter.

Tijdens de zitting op 3 oktober 2023 verscheen de vertegenwoordiger van de officier van justitie, terwijl betrokkene niet aanwezig was. De kantonrechter baseerde zich op de verklaring van de verbalisant en andere dossierstukken, waaruit blijkt dat de gedraging heeft plaatsgevonden. Betrokkene ontkent de gedraging niet, maar stelt dat de agent tijdens de staandehouding een waarschuwing zou geven in plaats van een boete.

De kantonrechter overweegt dat de verbalisant discretionaire bevoegdheid heeft om af te zien van het opleggen van een boete, maar dat in dit geval geen omstandigheden zijn gebleken die daartoe aanleiding geven. Er is dan ook geen reden om de boete te matigen. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.

Uitkomst: Het beroep tegen de boete voor het vasthouden van een mobiel apparaat tijdens het rijden wordt ongegrond verklaard.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind
locatie Zaanstad
Zaaknummer : 10653247 \ WM VERZ 23-492
CJIB-nummer : [nummer]
Uitspraakdatum : 3 oktober 2023
Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV)
[betrokkene]

Het verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 3 oktober 2023. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Overwegingen

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd, luidt – kort omschreven – als volgt: als bestuurder tijdens het rijden een mobiel elektronisch apparaat vasthouden.
Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft in het beroepschrift de gronden daarvoor aangevoerd.
De kantonrechter is van oordeel dat uit de stukken die zich in het dossier bevinden – met name uit de verklaring van de verbalisant – voldoende blijkt dat de gedraging waarvoor de boete is opgelegd, is verricht. Betrokkene ontkent de gedraging dan ook niet, maar stelt dat de agent tijdens de staandehouding heeft gezegd dat hij een waarschuwing gaf en geen boete zou geven. Het is oneerlijk dat ik ineens een boete thuisgestuurd krijg, aldus betrokkene.
Een daartoe bevoegde verbalisant heeft bij van het opleggen van een boete een zekere discretionaire bevoegdheid. De verbalisant kan afhankelijk van omstandigheden van het geval afzien van het opleggen van een boete. In dit geval is niet gebleken van feiten of omstandigheden op grond waarvan de verbalisant had moeten afzien tot het opleggen van de boete. De boete is dus terecht opgelegd.
De kantonrechter ziet in hetgeen betrokkene heeft aangevoerd ook geen reden om de boete te matigen. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.

De uitspraak

De kantonrechter:
‒ verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. P.J. Jansen, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV Pro hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 110,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht.
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Datum toezending: