ECLI:NL:RBNHO:2023:14082

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
3 oktober 2023
Publicatiedatum
28 februari 2024
Zaaknummer
10653255 \ WM VERZ 23-495
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 WAHVArt. 14 WAHV
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep ongegrond verklaard tegen boete voor onjuist gebruik claxon bij staandehouding

Betrokkene kreeg een boete opgelegd wegens het geven van signalen op een andere wijze dan toegestaan, namelijk langdurig claxonneren bij een staandehouding van politie. Betrokkene voerde aan dat hij schrok van een zwarte auto die plots remde bij groen licht en daarom toeterde. De verbalisant verklaarde dat betrokkene met hoge snelheid naderde en langdurig claxonneerde terwijl hij voorzichtig langs een staandehouding reed.

De kantonrechter oordeelde dat de verklaring van de verbalisant, die gedetailleerd en consistent was, voldoende bewijs leverde dat betrokkene de overtreding beging. Betrokkene bracht onvoldoende feiten aan om deze verklaring te betwisten. Er was ook geen reden om de boete te matigen.

Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. De uitspraak werd gedaan in afwezigheid van betrokkene, die niet op de zitting verscheen. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden onder voorwaarden.

Uitkomst: Het beroep tegen de boete wegens onjuist claxonneren wordt ongegrond verklaard en de boete blijft in stand.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind
locatie Zaanstad
Zaaknummer : 10653255 \ WM VERZ 23-495
CJIB-nummer : [nummer]
Uitspraakdatum : 3 oktober 2023
Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV)
in de zaak van
[betrokkene]

Het verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 3 oktober 2023. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Overwegingen

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd, luidt – kort omschreven – als volgt: signalen geven in een ander geval of op andere manier dan mag.
Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft in het beroepschrift de gronden daarvoor aangevoerd. Betrokkene voert aan dat er een zwarte Golf 7 voor hem reed die twee keer op een kruispunt bij groen licht op de rem trapte. Betrokkene schrok erg en toeterde omdat hij het gevaarlijk vond. Later bleek de bestuurder van de zwarte Golf een agent te zijn.
In de toelichting van het zaakoverzicht verklaart de verbalisant onder andere het volgende:
“Ik, verbalisant, reed op de Hijermansstraat. Ik zag dat er langs de kant van de weg een staandehouding plaats vond welke werd uitgevoerd door mijn collega’s. Ik, verbalisant wilde hier niet met een te hoge snelheid langs rijden. Ik zag dat de collega’s vlakvoor de kruising met de Kopermolenstraat stonden. Ik zag dat het verkeerslicht voor rechtdoor groen was. Ik wilde rechtdoor over de kruising rijden en koos het voorsoorteervak voor rechtdoor. Ik zag dat ik met een snelheid van ongeveer 45 kilometer per uur langs mijn collega’s reed. Ik zag in mijn achteruitkijkspiegel een voertuig aan komen rijden in de richting van mijn voertuig. Ik zag dat dit voertuig met een veel hogere snelheid dan 50 kilometer per uur reed. Ik zag dat de de bestuurder welke later de betrokkene bleek te zijn sterk vertraagde om niet tegen mijn voertuig aan te rijden. Ik hoorde vanuit het voertuig van betrokkene het geluid van de claxon. Ik hoorde dat betrokkene voor ten minste 4 seconde ondoorbroken lang claxoneerde. (…) Verklaring betrokkene: mijn voorganger ging op de rem bij het kruispunt met groen licht.“
De kantonrechter is van oordeel dat uit de stukken die zich in het dossier bevinden – met name uit de uitgebreide en specifieke verklaring van de verbalisant – voldoende blijkt dat de gedraging waarvoor de boete is opgelegd, is verricht. Betrokkene heeft onvoldoende feiten en omstandigheden aangevoerd die aanleiding geven om te twijfelen aan de verklaring van de verbalisant. De boete is dus terecht opgelegd.
De kantonrechter ziet in hetgeen betrokkene heeft aangevoerd ook geen reden om de boete te matigen. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.

De uitspraak

De kantonrechter:
‒ verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. P.J. Jansen, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV Pro hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 110,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht.
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Datum toezending: