Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNHO:2023:14143

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
27 oktober 2023
Publicatiedatum
19 april 2024
Zaaknummer
10702326 WM
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 WAHVArt. 14 WAHV
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep tegen administratieve boete parkeren op stoep gegrond verklaard

Betrokkene kreeg een administratieve boete opgelegd wegens het parkeren van een voertuig op een plek waar dat verboden is (bord E1, parkeerverbod zone). Betrokkene voerde aan dat hij slechts kort parkeerde om saucijzenbroodjes op te halen bij een bakker, waarbij hij de auto op de stoep zette zonder het verkeer te hinderen en met alarmlichten aan.

De officier van justitie had het beroep van betrokkene ongegrond of niet-ontvankelijk verklaard, maar op de zitting gaf de vertegenwoordiger van de officier van justitie aan het standpunt niet te handhaven en verzocht de kantonrechter het beroep gegrond te verklaren.

De kantonrechter oordeelde dat de verklaring van de verbalisant te veel vragen opriep en zag geen reden om een aanvullend proces-verbaal te laten opmaken. Daarom werd het beroep gegrond verklaard, de boete en de beslissing van de officier van justitie vernietigd, en het betaalde bedrag terugbetaald aan betrokkene.

Uitkomst: Het beroep tegen de administratieve boete voor parkeren op de stoep is gegrond verklaard en de boete is vernietigd.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind
locatie Alkmaar
Zaaknummer : 10702326 \ WM VERZ 23-598
CJIB-nummer : [nummer]
Uitspraakdatum : 27 oktober 2023
Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV)
in de zaak van
[betrokkene]

Het verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve boete (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond dan wel niet-ontvankelijk verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 27 oktober 2023. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is ook verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Overwegingen

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd, luidt – kort omschreven – als volgt: een voertuig parkeren waar dat niet mag (bord E1, parkeerverbod (szone)).
Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft aangevoerd dat hij een afspraak had bij de bakker om saucijzenbroodjes op te halen. Betrokkene heeft rond 9:50 uur de auto op de stoep gezet, zonder daarmee het verkeer te hinderen met de alarmlichten aan. Het duurde hooguit 5 minuten om de broodjes op te halen.
De vertegenwoordiger van de officier van justitie heeft op de zitting meegedeeld de beslissing en het standpunt niet te handhaven en heeft de kantonrechter verzocht om het beroep gegrond te verklaren.
De kantonrechter is het met de vertegenwoordiger van de officier van justitie eens en verklaart het beroep gegrond. De verklaring van de verbalisant roept te veel vragen op. De kantonrechter ziet geen reden om de officier van justitie alsnog in de gelegenheid te stellen om een aanvullend proces-verbaal op te laten maken. De beschikking waarbij de boete is opgelegd en de beslissing van officier van justitie zullen worden vernietigd.

De uitspraak

De kantonrechter:
‒ verklaart het beroep gegrond;
‒ vernietigt de beslissing van de officier van justitie en de beschikking waarbij de
boete is opgelegd;
‒ bepaalt dat de officier van justitie het bedrag dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terugbetaalt.
Deze uitspraak is gedaan door mr. B. Voogd, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV Pro hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 110,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht.
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Datum toezending: