ECLI:NL:RBNHO:2023:14198
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging disciplinaire straf plaatsing in lagere salarisschaal wegens plichtsverzuim politieambtenaar
Eiser, werkzaam als operationeel expert bij de politie, kreeg op 20 april 2021 een disciplinaire straf opgelegd: plaatsing in een lagere salarisschaal wegens plichtsverzuim. Dit betrof onder meer het vroegtijdig verlaten van zijn OPCO-diensten zonder juiste vervanging, het onjuist registreren van uren in het BVCM-systeem en het misbruik maken van zijn positie door privézaken tijdens werktijd te laten verrichten.
De rechtbank stelde vast dat eiser meerdere keren zijn dienst eerder verliet zonder dat een gekwalificeerde collega de taken overnam, ondanks dat hij telefonisch bereikbaar was. Dit was in strijd met duidelijke afspraken binnen de politieorganisatie. Verder erkende eiser onjuiste urenregistratie en het laten wassen van zijn privéauto door een collega tijdens werktijd, wat eveneens als plichtsverzuim werd aangemerkt.
Eiser voerde aan dat hij niet volledig verantwoordelijk was en dat toezeggingen waren gedaan over terugkeer in zijn functie, maar deze stellingen werden door de rechtbank niet gevolgd. De straf werd als proportioneel en niet onevenredig beoordeeld, mede gezien eerdere waarschuwingen en gedragingen van eiser. Daarnaast kende de rechtbank een schadevergoeding toe wegens overschrijding van de redelijke termijn in de procedure.
Uitkomst: De disciplinaire straf van plaatsing in een lagere salarisschaal blijft in stand en eiser krijgt een schadevergoeding van €500 wegens overschrijding van de redelijke termijn.