ECLI:NL:RBNHO:2023:1575
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen vaststelling arbeidsongeschiktheid en uitkeringsbesluiten Wet Wia ongegrond verklaard
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen twee besluiten van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV): het besluit om haar niet in aanmerking te brengen voor een Garantie-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid per 8 februari 2019, en het besluit om haar per 26 februari 2021 een vervolguitkering toe te kennen met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 65,15%.
De rechtbank heeft de medische en arbeidskundige rapportages bestudeerd, waaronder die van verzekeringsarts R.J. van Pinxteren en arbeidsdeskundige A.E. van Hulst. De verzekeringsarts heeft een zorgvuldige beoordeling gemaakt van zowel lichamelijke als psychische klachten en heeft de functionele mogelijkheden van eiseres nauwkeurig vastgelegd. De arbeidsdeskundige heeft op basis van deze medische beoordeling geschikte functies voor eiseres geïdentificeerd.
Eiseres voerde aan dat haar beperkingen groter zijn dan vastgesteld, met name vanwege psychische klachten en de praktijkervaring dat zij haar aangepaste werk niet kon volhouden. De rechtbank acht deze argumenten onvoldoende om de deskundigenrapportages te weerleggen.
De rechtbank concludeert dat de vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid door verweerder juist is en verklaart de beroepen ongegrond. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. Eiseres kan tegen deze uitspraak hoger beroep instellen bij de Centrale Raad van Beroep binnen zes weken na verzending van de uitspraak.
Uitkomst: De beroepen van eiseres tegen de besluiten over haar arbeidsongeschiktheid en Wia-uitkering zijn ongegrond verklaard.