Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
[klager] ,
Feiten
Procedure
Standpunt van het Openbaar Ministerie
Beoordeling
Beslissing
- verklaart het beklag gegrond
- gelast de teruggave aan klager van de [personenauto]
Rechtbank Noord-Holland
Op 24 maart 2022 werd een personenauto in beslag genomen in het kader van een onderzoek naar witwassen. De klager, verdachte van overtreding van artikel 420bis Sr, diende klaagschrift in tegen het beslag, dat eerder ongegrond werd verklaard. Na ontvangst van aanvullende stukken uit Duitsland en een verklaring uit Turkije, en het ontbreken van een duidelijke termijn voor aanvullende stukken, besloot de rechtbank de behandeling van het klaagschrift aan te houden.
Op 15 februari 2023 vond alsnog een zitting plaats waarin de raadsman van de klager en de officier van justitie werden gehoord. De raadsman voerde aan dat de klager een concrete verklaring had gegeven over de aanschaf van de auto en dat het onwaarschijnlijk is dat het voertuig verbeurd zal worden verklaard. De officier van justitie stelde dat het onderzoek nog loopt en dat er een evident witwasvermoeden bestaat.
De rechtbank oordeelde dat het onderzoek in raadkamer summier is en dat het belang van strafvordering zich niet langer verzet tegen opheffing van het beslag. Gezien de verstrekte stukken en de onduidelijkheid over de termijn van aanvullende stukken, weegt het belang van de klager zwaarder dan dat van de strafvordering. Het beslag op de auto wordt daarom opgeheven en de auto wordt aan de klager teruggegeven.
Uitkomst: Het beslag op de auto wordt opgeheven en de auto wordt aan de klager teruggegeven.