Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.Beoordeling van het bewijs
- de bekennende verklaring van de verdachte die ter terechtzitting van 16 februari 2023 is afgelegd;
- het proces-verbaal onderzoek plaats delict van 10 december 2021, opgemaakt door de [verbalisanten] (dossierpagina’s 24 tot en met 67);
- het proces-verbaal analyse VRI data en camerasystemen van 10 december 2021, opgemaakt door de [verbalisant] (dossierpagina’s 75 tot en met 97);
- het proces-verbaal forensisch overlijdensonderzoek persoon [slachtoffer 1] ( [geboortedatum] ) van 18 oktober 2021, opgemaakt door [verbalisanten] (dossierpagina’s 206 tot en met 212);
- het proces-verbaal rijden onder invloed van 19 januari 2022, opgemaakt door de [verbalisanten] (dossierpagina’s 134 tot en met 136);
- een schriftelijk bescheid, inhoudende een verslag van een deskundige als bedoeld in artikel 344, eerste lid, aanhef onder 4°, van het Wetboek van Strafvordering, te weten het rapport alcohol en drugs in het verkeer van 28 oktober 2021, opgemaakt en ondertekend door drs. P.G.M. Zweipfenning (dossierpagina’s 142 tot en met 145).
a) Ernstige schending verkeersregels
4.Kwalificatie en strafbaarheid van de feiten
5.Strafbaarheid van de verdachte
6.Motivering van de sanctie
(als reclasseringswerker verbonden aan Reclassering Nederland). Daaruit blijkt dat de verdachte na het ongeval gevoelens van schuld en schaamte ervaart. Hij heeft op eigen initiatief psychologische hulp gezocht in de vorm van psycho-educatie gericht op trauma gerelateerde klachten. De verdachte heeft de cursus over alcohol in het verkeer gevolgd. Als gevolg van het verkeersongeval heeft de verdachte instabiliteit ervaren op verschillende leefgebieden, maar heeft hij inmiddels weer een zinvolle structurele dagbesteding. De gezondheid van de verdachte is kwetsbaar, omdat hij leidt aan de auto-immuunziekte MS. De reclassering heeft het risico op recidive ingeschat als laag en geadviseerd om, indien de verdachte zal worden veroordeeld, een straf zonder bijzondere voorwaarden op te leggen.
7.Vordering benadeelde partij
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
dertig (30) maanden.
vier (4) jarenmet aftrek overeenkomstig artikel 179, zesde lid, van de Wegenverkeerswet 1994.