Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
[verzoeker] ,
Rechtbank Noord-Holland
De rechtbank Noord-Holland heeft op 7 maart 2023 het verzoek tot adoptie van een minderjarig Surinaams meisje door haar tante en oom, beiden woonachtig in Nederland, toegewezen. De ouders van het kind zijn ontheven uit de ouderlijke macht en hebben toestemming gegeven voor de adoptie.
Verzoekers hebben de zorg voor het kind sinds haar geboorte op zich genomen, aanvankelijk in Suriname en sinds december 2021 in Nederland. Ondanks dat verzoekers niet aan de vereiste samenlevingstermijn van drie aaneengesloten jaren voldeden vanwege verblijf in verschillende landen, oordeelde de rechtbank dat de bestendigheid van hun relatie voldoende was. Ook werd afgezien van het strikt toepassen van de verzorgingstermijn van één jaar voor de verzoeker die nog niet aan deze termijn voldeed.
De Raad voor de Kinderbescherming adviseerde positief over het adoptieverzoek. De rechtbank stelde vast dat de adoptie in het kennelijk belang van het kind is, dat het kind een stabiele gezinssituatie krijgt en dat de juridische situatie daarmee in overeenstemming wordt gebracht met de feitelijke situatie. Tevens werd de inschrijving van de geboorteakte in Nederland gelast en de geslachtsnaam van het kind gewijzigd.
Uitkomst: De rechtbank verleent toestemming voor adoptie van het minderjarige meisje door haar tante en oom en wijzigt haar geslachtsnaam.