De zaak betreft een verzoek van de gecertificeerde instelling De Jeugd- & Gezinsbeschermers (GI) om de zorgregeling tussen de vader en zijn twee minderjarige kinderen voor de duur van een jaar te pauzeren. De zorgregeling was eerder vastgesteld en meerdere keren opgeschort vanwege spanningen en weerstand van de kinderen tegen contact met hun vader.
Tijdens de zitting is gebleken dat de weerstand van de minderjarigen tegen contact met hun vader onverminderd groot is en dat de hulpverlening door Samen in Spel (SiS) nog niet van start is gegaan. De situatie is complex, mede door een loyaliteitsconflict en recente traumabehandeling en diagnostiek bij een van de kinderen. De vader erkent het incident op Koningsdag als aanleiding, maar vindt de gevolgen overdreven en is radeloos over het contactverlies.
De moeder benadrukt de noodzaak van hulpverlening en ervaart de situatie als een voortdurende strijd. De kinderrechter constateert dat de zorgregeling al ongeveer negen maanden stilligt en dat de omstandigheden sinds de laatste zitting niet wezenlijk zijn veranderd. Gezien de grote weerstand en het ontbreken van een advies over opbouw van contact, ziet de rechter geen mogelijkheden om de zorgregeling te laten herleven.
De kinderrechter besluit de zorgregeling op te schorten tot het einde van de ondertoezichtstelling op 18 mei 2023, met de hoop dat de start van de hulpverlening ruimte biedt voor contactherstel. Het verzoek tot verdere wijziging wordt afgewezen.