Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Het procesverloop
2.De feiten
3.De vordering
4.Het verweer
5.De beoordeling
gelijkbedrag als door [eiser] onverschuldigd is betaald. Of [gedaagde] kan worden toegerekend dat hij niet als zorgvuldig schuldenaar voor het goed zorg heeft gedragen, maakt dan ook niet uit. Van een onmogelijkheid van nakoming van deze verbintenis, ingetreden na de ontvangst van dit bedrag, is immers geen sprake. Voor een analoge toepassing van artikel 6:204 lid 1 BW Pro is hier evenmin plaats. De wetgever heeft voor de terugbetaling van een geldsom namelijk een bijzondere regeling gegeven in artikel 6:204 lid 2 BW Pro, maar die bepaling is in dit geval niet van toepassing.