ECLI:NL:RBNHO:2023:3452
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Wijziging partneralimentatie na pensioen en herbeoordeling draagkracht
De man is met pensioen gegaan op 29 augustus 2022, waardoor zijn inkomen aanzienlijk is gedaald. Hij verzocht daarom om verlaging van de partnerbijdrage aan de vrouw, die eerder was vastgesteld op €1.702,51 bruto per maand. De vrouw voerde verweer en stelde dat de alimentatieplicht twaalf jaar zou duren en dat het pensioen al bij het convenant was voorzien.
De rechtbank oordeelde dat het pensioen een wijziging van omstandigheden vormt die een herbeoordeling van de onderhoudsverplichting rechtvaardigt. De rechtbank stelde de ingangsdatum van de wijziging vast op de datum van het pensioen. Bij de draagkrachtberekening werd rekening gehouden met de helft van de woonlasten, omdat de man samenwoont met een partner die naar verwachting haar deel kan bijdragen.
De behoefte van de vrouw werd vastgesteld op €3.711 netto per maand, verminderd met haar eigen inkomsten en pensioenuitkering. De draagkracht van de man werd berekend op €590 netto per maand. Een jusvergelijking leidde tot een nieuwe partnerbijdrage van €157 bruto per maand, die jaarlijks wordt geïndexeerd. De rechtbank verklaarde de beschikking uitvoerbaar bij voorraad en wees het meer of anders verzochte af.
Uitkomst: De partnerbijdrage wordt verlaagd naar €157 bruto per maand met ingang van 29 augustus 2022 vanwege pensionering van de man.