ECLI:NL:RBNHO:2023:4224

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
17 maart 2023
Publicatiedatum
10 mei 2023
Zaaknummer
10312264 WM
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 WAHVArt. 14 WAHV
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep tegen boete wegens verlopen APK-keuringsbewijs motorrijtuig afgewezen

Betrokkene kreeg een administratieve boete opgelegd omdat het keuringsbewijs van zijn motorrijtuig van 3500 kg of minder was verlopen. Hij stelde beroep in tegen deze boete, eerst bij de officier van justitie en vervolgens bij de kantonrechter nadat het beroep ongegrond was verklaard.

Tijdens de zitting op 17 maart 2023 was de gemachtigde van betrokkene afwezig, terwijl de vertegenwoordiger van de officier van justitie het standpunt handhaafde. De kantonrechter oordeelde dat de gedraging vaststond en dat het verweer dat het voertuig niet op de openbare weg werd gebruikt niet slaagde, omdat de APK-verplichting gekoppeld is aan de registratie en niet aan het gebruik.

Betrokkene voerde aan dat het voertuig vanaf augustus 2021 gerepareerd werd en dat het niet eerder geschorst was omdat garages verwachtten dat het snel weer zou kunnen rijden. Dit werd onvoldoende aannemelijk gemaakt, evenals de stelling dat het voertuig van 26 februari tot 28 april 2022 bij de garage stond en niet werd gebruikt. De kantonrechter zag geen reden om de boete te matigen en wees het beroep af. Ook werd geen proceskostenvergoeding toegekend.

Uitkomst: Het beroep tegen de boete wegens het verlopen APK-keuringsbewijs wordt ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Handel, Kanton en Bewind
locatie Alkmaar
Zaaknummer : 10312264 \ WM VERZ 23-49
CJIB-nummer : 249143656
Uitspraakdatum : 28 maart 2023
Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV) en proces-verbaal van de zitting
in de zaak van
[betrokkene]
gemachtigde : Appjection B.V. (M. Lagas)

1.Het verloop van de procedure en het proces-verbaal van de zitting

1.1.
Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
1.2.
De zaak is behandeld op de zitting van 17 maart 2023. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Gemachtigde van betrokkene is niet verschenen.
1.3.
De vertegenwoordiger van de officier van justitie heeft op de zitting meegedeeld de beslissing en het standpunt te handhaven en heeft de kantonrechter verzocht om het beroep ongegrond te verklaren.
1.4.
De kantonrechter heeft na de zitting uitspraak gedaan.

2.Overwegingen

2.1.
De gedraging waarvoor de boete is opgelegd, luidt – kort omschreven – als volgt: voor het motorrijtuig van 3500 kg of minder heeft het keuringsbewijs zijn geldigheid verloren.
2.2.
Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft in het beroepschrift de gronden daarvoor aangevoerd.
2.3.
De beoordeling van het verweer dat er met het voertuig geen gebruik werd gemaakt van de openbare weg.
Dit verweer treft geen doel. De verplichting om APK gekeurd te zijn, is gekoppeld aan de registratie van het voertuig, waarbij niet van belang is of met dat voertuig van de openbare weg gebruik wordt gemaakt. Die verplichting vervalt alleen bij schorsing van het voertuig bij de RDW.
2.4.
De beoordeling van de gedraging waarvoor de boete is opgelegd
Uit de stukken blijkt dat de APK verliep op 26 februari 2022 en dat het kenteken vervolgens op 11 mei 2022 is geschorst. Betrokkene voert aan dat het voertuig niet eerder is geschorst, omdat diverse garages aangaven dat het voertuig op korte termijn weer zou kunnen rijden. Betrokkene, zo geeft hij zelf aan, is al vanaf augustus 2021 bezig om het voertuig rijdend te krijgen. Die omstandigheid maakt dat betrokkene er niet op kon en mocht vertrouwen dat het voertuig na het verlopen van de APK op korte termijn alsnog rijdend en gekeurd had kunnen worden. Bovendien heeft betrokkene zijn stelling dat het voertuig vanaf 26 februari 2022 tot 28 april 2022 bij de garage heeft gestaan en er dus niet mee is gereden, onvoldoende aannemelijk gemaakt. Betrokkene had het voertuig dan ook eerder moeten schorsen. De kantonrechter ziet in hetgeen betrokkene heeft aangevoerd ook geen reden om de boete te matigen. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
2.5.
Proceskosten
De kantonrechter ziet geen aanleiding om proceskosten toe te kennen, omdat het beroep ongegrond wordt verklaard.
De uitspraak
De kantonrechter:
‒ verklaart het beroep ongegrond;
‒ wijst het verzoek om vergoeding van de proceskosten af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.P. Ploeger, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV Pro hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 110,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht.
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Datum toezending: