Uitspraak
1.Het verloop van de procedure en het proces-verbaal van de zitting
2.Overwegingen
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Rechtbank Noord-Holland
Betrokkene kreeg een boete opgelegd voor het niet afsluiten en in stand houden van de vereiste verzekering voor een motorrijtuig. Hij stelde beroep in tegen deze boete, dat door de officier van justitie ongegrond werd verklaard. Vervolgens werd beroep ingesteld bij de kantonrechter.
Tijdens de zitting was de vertegenwoordiger van de officier van justitie aanwezig, maar de gemachtigde van betrokkene niet. De kantonrechter oordeelde dat de gedraging voldoende vaststaat, omdat het voertuig op naam van betrokkene stond, onverzekerd was en niet geschorst bij de RDW. Betrokkene maakte echter aannemelijk dat het voertuig in juni 2021 was verkocht en dat hij direct actie had ondernomen na ontvangst van de boete.
Gelet op deze omstandigheden matigde de kantonrechter de boete naar €100, met handhaving van de administratiekosten. Tevens werd het verzoek om proceskostenvergoeding toegewezen, waarbij de officier van justitie werd veroordeeld tot vergoeding van €865,75. De beslissing van de officier van justitie werd daarmee gewijzigd en het beroep gedeeltelijk gegrond verklaard.
Uitkomst: De boete voor het niet verzekeren van het motorrijtuig is gematigd tot €100 en proceskosten van €865,75 zijn toegewezen.