De zaak betreft een verzoek van de gecertificeerde instelling De Jeugd- & Gezinsbeschermers tot verlenging van de ondertoezichtstelling van twee minderjarigen. De ouders zijn belast met het ouderlijk gezag, maar de kinderen wonen bij de moeder. De ondertoezichtstelling was eerder opgelegd tot 24 mei 2023.
De GI stelt dat de kinderen nog steeds ernstig in hun ontwikkeling worden bedreigd door de verstoorde communicatie tussen de ouders, die negatief over elkaar spreken in het bijzijn van betrokken hulpverleners. Daarnaast vertoont een van de kinderen escalerend gedrag op school, mede door ADHD en het conflict tussen de ouders. Beide kinderen ervaren loyaliteitsconflicten.
De vader is tegen verlenging en weigert medewerking, terwijl de moeder instemt en de positieve recente ontwikkelingen benadrukt, zoals betere communicatie en overeenstemming over de vakantieregeling. De kinderrechter constateert een prille verbetering, maar acht verlenging noodzakelijk om terugval te voorkomen en verdere ontwikkeling van de kinderen te waarborgen.
De ondertoezichtstelling wordt daarom met een jaar verlengd, met het oog op begeleiding en ondersteuning van de ouders en hulpverlening aan het kind met gedragsproblemen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en het hoger beroep is mogelijk via het gerechtshof Amsterdam.