Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord
- de conclusie van repliek
- de conclusie van dupliek.
Rechtbank Noord-Holland
Ymere heeft in april 2022 een voorstel tot huurverhoging aan de huurder gedaan, met ingang van 1 juli 2022. De huurder heeft hiertegen geen bezwaar gemaakt binnen de gestelde termijn. Volgens artikel 7:253 lid 2 onder Pro b BW moet de verhuurder binnen drie maanden na de ingangsdatum het voorstel herhalen per aangetekende brief om de huurverhoging te effectueren.
Ymere heeft de herinneringsbrief echter pas op 6 oktober 2022 verstuurd, buiten de wettelijke termijn van drie maanden na 1 juli 2022. De kantonrechter stelt vast dat hierdoor het huurverhogingsvoorstel zijn werking heeft verloren en de oude huurprijs van € 762,68 per maand blijft gelden.
De huurder heeft over de periode februari tot en met november 2022 een huurachterstand van € 253,72, die wordt toegewezen. De betalingsregeling is niet correct nagekomen, maar aangezien de huurverhoging niet van kracht is, is er geen achterstand op de regeling ontstaan. De buitengerechtelijke incassokosten worden afgewezen omdat de aanmaning onjuist was. De wettelijke rente wordt toegewezen. De proceskosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: Het huurverhogingsvoorstel is niet rechtsgeldig door te late herinnering, waardoor de oude huurprijs geldt en een beperkte huurachterstand wordt toegewezen.