Uitspraak
1.Het verloop van de procedure en het proces-verbaal van de zitting
2.Overwegingen
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Rechtbank Noord-Holland
Betrokkene kreeg een boete opgelegd wegens het handelen in strijd met een geslotenverklaring in beide richtingen. Betrokkene stelde dat er geen foto in het dossier aanwezig was, waardoor onduidelijk zou zijn of de gedraging had plaatsgevonden. De officier van justitie had de foto niet verstrekt tijdens de administratieve fase, wat een schending van de informatieplicht opleverde. De rechtbank oordeelde dat de officier van justitie op grond van artikel 7:18 Awb Pro verplicht was de foto aan betrokkene te verstrekken voordat een beslissing werd genomen, en vernietigde daarom de beslissing van de officier van justitie.
Desondanks beoordeelde de rechtbank de boete zelf inhoudelijk. Aan de hand van schouwrapporten en de overgelegde foto tijdens de zitting werd vastgesteld dat het C-bord aanwezig was en dat het voertuig van betrokkene dit bord had gepasseerd. Hierdoor was de overtreding voldoende komen vast te staan en was de boete terecht opgelegd. Er was geen aanleiding om de boete te matigen. Het beroep tegen de boete werd daarom ongegrond verklaard.
Het verzoek om proceskostenvergoeding werd afgewezen. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden binnen zes weken na toezending, mits de boete hoger is dan €110. De procedure in hoger beroep is schriftelijk, tenzij mondelinge behandeling wordt verzocht.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete wordt ongegrond verklaard omdat de overtreding voldoende is vastgesteld.