ECLI:NL:RBNHO:2023:5757

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
13 juni 2023
Publicatiedatum
21 juni 2023
Zaaknummer
10499882 \ VV EXPL 23-55
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Verstek
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 555 e.v. Rv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing ontruimingsvordering wegens onrechtmatig verblijf in woning na echtscheiding

De zaak betreft een ontruimingsvordering van eiser tegen zijn ex-partner en diens bewindvoerder. Na de echtscheiding is eiser als alleenhuurder van de woning aangewezen, maar gedaagde is niet vertrokken en verblijft zonder recht of titel in de woning. De situatie is onhoudbaar voor eiser en zijn pleegzonen vanwege gedragsproblemen van gedaagde en administratieve problemen.

De kantonrechter heeft gedaagden, die niet zijn verschenen ondanks oproeping, verstek verleend. Saillant B.V. is als bewindvoerder formeel betrokken en stemt in met de ontruiming. De rechter wijst de ontruimingsvordering toe en veroordeelt gedaagden tot ontruiming binnen zeven dagen na betekening, met sleuteloverdracht aan eiser.

De gevorderde machtiging tot gedwongen ontruiming wordt afgewezen, maar de deurwaarder mag het pand betreden en ontruimen volgens wettelijke bepalingen. Ontruimingskosten worden afgewezen omdat deze niet vooraf redelijk kunnen worden beoordeeld. Proceskosten worden aan Saillant opgelegd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.

Uitkomst: Gedaagden worden veroordeeld tot ontruiming van de woning binnen zeven dagen na betekening, met proceskostenveroordeling van de bewindvoerder.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie
locatie Haarlem
Zaaknr./rolnr.: 10499882 \ VV EXPL 23-55
Uitspraakdatum: 13 juni 2023
Vonnis van de kantonrechter in kort geding in de zaak van:
[eiser]
wonende te [woonplaats]
eiser
verder te noemen: [eiser]
gemachtigde: mr. A.C. Mens
tegen

1.[gedaagde sub 1]

wonende te [woonplaats]
gedaagde sub 1
verder te noemen: [gedaagde sub 1]
niet verschenen
en
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
Saillant B.V., in haar hoedanigheid van bewindvoerder en mentor van
[gedaagde sub 1]
gevestigd te Alkmaar
gedaagde sub 2
verder te noemen: Saillant
niet verschenen
gedaagden sub 1 en 2 worden hierna gezamenlijk aangeduid als: gedaagden.

1.Het procesverloop

1.1.
[eiser] heeft gedaagden op 17 mei 2023 gedagvaard.
1.2.
De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 6 juni 2023. Gedaagden zijn, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen. Tegen gedaagden is verstek verleend.
1.3.
De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat [eiser] ter toelichting van zijn standpunt naar voren heeft gebracht.

2.Feiten

2.1.
[eiser] en [gedaagde sub 1] zijn met elkaar getrouwd geweest.
2.2.
Op 21 april 2022 is de echtscheiding tussen [eiser] en [gedaagde sub 1] uitgesproken. Deze is op 20 juli 2022 ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand.
2.3.
[eiser] en [gedaagde sub 1] huurden van Ymere gezamenlijk een woning aan [adres] te [woonplaats] (hierna: de woning). Bij beschikking van 28 december 2022 heeft de Rechtbank Noord-Holland bepaald dat [eiser] - met ingang van de datum van inschrijving van de echtscheidingsbeschikking in de registers van de burgerlijke stand - alleenhuurder zal zijn van de woning.
2.4.
[gedaagde sub 1] heeft de woning niet ontruimd of verlaten.
2.5.
Saillant is sinds 2 februari 2023 bewindvoerder en mentor van [gedaagde sub 1] .
2.6.
Ten tijde van de zitting verbleef [gedaagde sub 1] op grond van een rechterlijke machtiging tijdelijk in een gesloten instelling.

3.Het geschil

3.1.
[eiser] vordert dat de kantonrechter bij wijze van voorlopige voorziening gedaagden veroordeeld tot ontruiming van de woning binnen zeven dagen na betekening van dit vonnis.
3.2.
[eiser] legt aan de vordering ten grondslag dat [gedaagde sub 1] zonder recht of titel in de woning verblijft. Voor [eiser] en zijn twee inwonende meerderjarige pleegzonen met een verstandelijke beperking is de situatie onhoudbaar geworden. [gedaagde sub 1] maakt ruzie, verzorgt zich niet meer en plast en poept in de woning. De rechterlijke machtiging is slechts tijdelijk en omdat [gedaagde sub 1] nog staat ingeschreven op het adres van de woning heeft [eiser] problemen met het aanvragen van diverse toeslagen.
3.3.
Saillant heeft aan de griffie van de rechtbank telefonisch te kennen gegeven dat zij kan instemmen met de vordering tot ontruiming.

4.De beslissing

4.1.
De kantonrechter zal de vordering toewijzen, nu [eiser] hierbij een spoedeisend belang heeft en de vordering de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt.
Voor zover de vordering betrekking heeft op onder bewind gestelde goederen van [gedaagde sub 1] heeft [eiser] terecht Saillant in haar hoedanigheid van bewindvoerder als formele procespartij gedagvaard.
4.2.
De gevorderde machtiging tot gedwongen ontruiming is niet toewijsbaar. Indien noodzakelijk voor de tenuitvoerlegging van dit vonnis, kan de deurwaarder met inachtneming van het bepaalde in de artikelen 555 e.v. Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering zonder toestemming van de bewoner/gebruiker het betreffende pand betreden en ontruimen. Dit deel van de vordering zal dan ook worden afgewezen. De gevorderde ontruimingskosten in dit verband worden afgewezen, omdat de met de ontruiming gemoeide kosten slechts toewijsbaar zijn als zij in redelijkheid zijn gemaakt, hetgeen niet op voorhand kan worden beoordeeld.
4.3.
De proceskosten komen voor rekening van Saillant als de in het ongelijk gestelde partij.

5.De beslissing

De kantonrechter:
5.1.
veroordeelt gedaagden om de woning aan [adres] te [woonplaats] , binnen zeven dagen na betekening van dit vonnis te ontruimen en te verlaten, met afgifte van de sleutels aan [eiser] ;
5.2.
veroordeelt Saillant in hoedanigheid van bewindvoerder van [gedaagde sub 1] tot betaling van de proceskosten, die de kantonrechter aan de kant van [eiser] tot en met vandaag vaststelt op:
dagvaarding € 106,73
griffierecht € 86,00
salaris gemachtigde € 529,00 ;
5.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
5.4.
wijst de gevorderde voorziening voor het overige af.
Dit vonnis is gewezen door mr. S.N. Schipper en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter