Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 29 juni 2023 in de zaak tussen
[eiser] , uit [woonplaats] , eiser
[vergunninghouder] B.V. en [vergunninghouder]uit [vestigingsplaats] (vergunninghouder)
Rechtbank Noord-Holland
Eiser heeft beroep ingesteld tegen de omgevingsvergunning die is verleend voor de gewijzigde situering van vier nieuw te bouwen woningen op een perceel in Heerhugowaard. De wijziging betrof een verkleining van de onderlinge afstand tussen de woningen van 7,5 naar 6 meter. Verweerder had deze vergunning verleend na een bouwstop vanwege afwijkingen van de oorspronkelijke vergunning en een conflict over het nutstracé.
De rechtbank heeft beoordeeld of verweerder in redelijkheid de gewijzigde vergunning kon verlenen. Eiser stelde onder meer dat privaatrechtelijke belemmeringen en strijd met het bestemmingsplan aan de orde waren. De rechtbank oordeelde dat bij een wijziging alleen de wijziging zelf beoordeeld wordt en dat privaatrechtelijke belemmeringen niet aan de orde zijn in deze bestuursrechtelijke procedure.
Verder achtte de rechtbank de ruimtelijke impact van de wijziging aanvaardbaar en niet strijdig met de goede ruimtelijke ordening. De belangenafweging en motivering van verweerder werden als niet onredelijk beoordeeld. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard, waardoor de omgevingsvergunning in stand blijft en eiser geen griffierecht of proceskostenvergoeding ontvangt.
Uitkomst: Het beroep tegen de gewijzigde omgevingsvergunning wordt ongegrond verklaard en de vergunning blijft in stand.