Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Het verloop van de procedure
Overwegingen
De uitspraak
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Rechtbank Noord-Holland
Betrokkene kreeg een boete opgelegd voor het rijden van 5 km per uur harder dan toegestaan binnen de bebouwde kom. Tegen deze boete stelde zij beroep in bij de officier van justitie, die het beroep niet-ontvankelijk verklaarde. Vervolgens stelde betrokkene beroep in bij de kantonrechter.
Op de zitting verscheen alleen de vertegenwoordiger van de officier van justitie; betrokkene was afwezig. De kantonrechter stelde vast dat het beroepschrift te laat was ingediend: het beroep was op 16 november 2022 ingediend, terwijl dit uiterlijk op 3 november 2022 had moeten gebeuren volgens artikel 6:7 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Betrokkene gaf geen geldige reden voor de overschrijding, zodat de overschrijding niet verschoonbaar was volgens artikel 6:11 Awb Pro.
De kantonrechter verklaarde het beroep daarom niet-ontvankelijk. Ter overweging merkte de kantonrechter op dat het verweer van betrokkene over verduistering van het voertuig op 15 mei 2022 niet relevant was, omdat de snelheidsovertreding op 9 mei 2022 plaatsvond, dus vóór de verduistering. De uitspraak werd gedaan door kantonrechter P.J. Jansen en in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete voor snelheidsovertreding wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn.