ECLI:NL:RBNHO:2023:7427

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
4 juli 2023
Publicatiedatum
1 augustus 2023
Zaaknummer
10511078 \ WM VERZ 23-335
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 WAHVbord C6 bijlage I RVV 1990Art. 14 WAHV
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep gegrond tegen boete voor handelen in strijd met geslotenverklaring motorvoertuigen

Betrokkene kreeg een administratieve boete opgelegd wegens het handelen in strijd met een geslotenverklaring voor motorvoertuigen op meer dan twee wielen, aangeduid met bord C6 uit bijlage I van het RVV 1990. Betrokkene stelde dat zijn voertuig per 5 mei 2021 als taxi geregistreerd stond, hoewel het nog niet was voorzien van een blauw kenteken.

De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond, waarna betrokkene beroep instelde bij de kantonrechter. Op de zitting van 4 juli 2023 verscheen de vertegenwoordiger van de officier van justitie, betrokkene was afwezig.

De kantonrechter oordeelde dat uit de overgelegde stukken voldoende bleek dat het voertuig als taxi geregistreerd stond op de relevante datum, waardoor de uitzondering op de geslotenverklaring van toepassing was. Het ontbreken van het blauwe kenteken deed hieraan niet af. Daarom werd de boete ten onrechte opgelegd en werd het beroep gegrond verklaard. De beschikking en de beslissing van de officier van justitie werden vernietigd en het betaalde bedrag aan zekerheidstelling werd aan betrokkene terugbetaald.

Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de boete vernietigd omdat het voertuig als taxi geregistreerd stond.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind
locatie Zaanstad
Zaaknummer : 10511078 \ WM VERZ 23-335
CJIB-nummer : 241356641
Uitspraakdatum : 4 juli 2023
Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV)
in de zaak van
naam : [betrokkene]
(hierna te noemen: betrokkene).

Het verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 4 juli 2023. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Overwegingen

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd, luidt – kort omschreven – als volgt: handelen ism een geslotenverklaring voor motorvoertuigen op meer dan 2 wielen, bord C 6 bijlage I RVV 1990.
Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft in het beroepschrift de gronden daarvoor aangevoerd. Betrokkene stelt dat zijn voertuig al stond geregistreerd als taxi, maar nog geen blauw kenteken had.
De kantonrechter overweegt dat naar aanleiding van de door betrokkene overgelegde stukken voldoende is komen vast te staan dat het voertuig van betrokkene per 5 mei 2021 als taxi stond geregistreerd, zodat de uitzondering op de geslotenverklaring van toepassing was. Dat het voertuig van betrokkene nog niet was voorzien van een blauw kenteken maakt dat niet anders.
De boete dus ten onrechte opgelegd. Het beroep is daarom gegrond. De beschikking waarbij de boete is opgelegd en de beslissing van officier van justitie zullen worden vernietigd.

De uitspraak

De kantonrechter:
‒ verklaart het beroep gegrond;
‒ vernietigt de beslissing van de officier van justitie en de beschikking waarbij de
boete is opgelegd;
‒ bepaalt dat de officier van justitie het bedrag dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terugbetaalt.
Deze uitspraak is gedaan door mr. P.J. Jansen, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV Pro hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 110,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht.
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Datum toezending: