ECLI:NL:RBNHO:2023:7626

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
4 juli 2023
Publicatiedatum
4 augustus 2023
Zaaknummer
10435852 \ WM VERZ 23-237
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 WAHVArt. 14 WAHV
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging boete voor stilstaand voertuig bij verbod stilstaan wegens onduidelijke borden en belijning

Betrokkene kreeg een boete opgelegd wegens het stil laten staan van een voertuig op een plek waar dat volgens bord E2 (verbod stilstaan) niet is toegestaan. Betrokkene stelde dat hij aan het laden en lossen was, dat het bord E7 voor laden en lossen mogelijk niet zichtbaar was omdat het was gedraaid, en dat de belijning van het parkeervak vervaagd was. De officier van justitie wijzigde de feitcode, maar hield vast aan de boete.

Betrokkene stelde beroep in bij de kantonrechter, die de zaak behandelde op 20 juni 2023. De vertegenwoordiger van de officier van justitie verscheen, betrokkene niet. De kantonrechter oordeelde dat de gewijzigde feitcode niet juist was en dat er reden was om de beschikking te vernietigen.

De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de beslissing van de officier van justitie en de boetebeschikking, en bepaalde dat het door betrokkene betaalde bedrag als zekerheidstelling wordt terugbetaald. De uitspraak werd gedaan door kantonrechter P.J. Jansen op 4 juli 2023. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

Uitkomst: Het beroep tegen de boete wegens stilstaand voertuig bij verbod stilstaan is gegrond verklaard en de beschikking vernietigd.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind
locatie Zaanstad
Zaaknummer : 10435852 \ WM VERZ 23-237
CJIB-nummer : 248623741
Uitspraakdatum : 4 juli 2023
Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV)
in de zaak van
naam : [betrokkene]
(hierna te noemen: betrokkene)

Het verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft de feitcode gewijzigd en het beroep voor het overige ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 20 juni 2023. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Overwegingen

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd, luidt – kort omschreven – als volgt: een voertuig stil laten staan waar dat niet mag (bord E2, verbod stilstaan).
Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft in het beroepschrift de gronden daarvoor aangevoerd.
Betrokkene voert aan dat hij aan het laden en lossen was en dat er dagelijks honderden mensen daar laden en lossen. Betrokkene stelt tevens dat het bord E7 ‘laden en lossen’ ter plaatse was gedraaid, zodat deze wellicht niet zichtbaar was en betrokkene stelt dat de belijning van het parkeervak op de weg was vervaagd.
De vertegenwoordiger van de officier van justitie heeft zich ter zitting op het standpunt gesteld dat de door de officier van justitie gewijzigde feitcode wederom niet de juiste is en ziet thans geen reden de feitcode nogmaals te wijzigen, zodat de beschikking zou moeten worden vernietigd. De kantonrechter volgt de vertegenwoordiger van de officier van justitie en bepaalt daarom dat het beroep gegrond is en de beslissing van officier van justitie en de beschikking waarbij de boete is opgelegd zullen worden vernietigd.

De uitspraak

De kantonrechter:
‒ verklaart het beroep gegrond;
‒ vernietigt de beslissing van de officier van justitie en de beschikking waarbij de
boete is opgelegd;
‒ bepaalt dat de officier van justitie het bedrag dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terugbetaalt.
Deze uitspraak is gedaan door mr. P.J. Jansen, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV Pro hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 110,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht.
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Datum toezending: