Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.De vordering
€ 145.750,--en dat aan de veroordeelde de verplichting zal worden opgelegd tot betaling aan de Staat van dat bedrag ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.
2.Het verloop van de procedure
- de verdediging ziet af van het indienen van onderzoekswensen en trekt al ingediende onderzoekswensen uiterlijk ter zitting en bij voorkeur al eerder schriftelijk in;
Inhoudelijke behandeling
3.Het standpunt van de officier van justitie
4.Het standpunt van de veroordeelde en zijn raadsvrouw
van hoeveelheden cocaïne,
De rechtbank is dan ook van oordeel dat de hoogte van het te ontnemen geldbedrag recht doet aan zowel de belangen van de verdachte als de belangen van de maatschappij.
geenafspraken zijn gemaakt over de duur van de gijzeling die met toepassing van artikel 6:6:25 Sv Pro kan worden gevorderd.
6.Toepasselijke wettelijke bepaling
7.Beslissing
€ 16.666,00 (zegge: zestienduizend zeshonderd zesenzestig euro),ter ontneming van het geschatte wederrechtelijk verkregen voordeel.