ECLI:NL:RBNHO:2023:8954

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
28 augustus 2023
Publicatiedatum
7 september 2023
Zaaknummer
10645848 VV 23-100
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Kort geding
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:625 BWArt. 7:626 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Loonvordering chauffeur wegens te laag uitbetaald salaris over april 2023

Eiser trad op 1 januari 2023 in dienst bij San Service als chauffeur voor 40 uur per week tegen een bruto uurloon van €13,10. De arbeidsovereenkomst was voor bepaalde tijd en viel onder de CAO Beroepsgoederenvervoer. San Service zegde de arbeidsovereenkomst op 15 april 2023 op, welke opzegging eiser accepteerde.

Eiser ontving op 30 april 2023 een salarisbetaling over april van slechts €193,23 bruto, terwijl hij voor 11 gewerkte dagen recht had op €947,47 bruto. Na sommatie door de gemachtigde van eiser betaalde San Service het achterstallige loon niet.

Eiser vorderde in kort geding betaling van het achterstallige loon, een gecorrigeerde salarisspecificatie en proceskosten. San Service verscheen niet op de zitting, waarna verstek werd verleend.

De kantonrechter oordeelde dat het spoedeisende belang bij de loonvordering voldoende was aangetoond en wees de vorderingen toe, met een termijn van vier weken voor het verstrekken van de correcte salarisspecificatie. San Service werd tevens veroordeeld tot betaling van de proceskosten.

Uitkomst: San Service wordt veroordeeld tot betaling van achterstallig loon en het verstrekken van een correcte salarisspecificatie binnen vier weken.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie
locatie Haarlem
Zaaknr./rolnr.: 10645848 VV 23-100
Uitspraakdatum: 28 augustus 2023
Vonnis van de kantonrechter in kort geding in de zaak van:
[eiser]
wonende te [plaats]
eiser
verder te noemen: [eiser]
gemachtigde: mr. A.T. Leigh
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
San Service B.V.
gevestigd te Kudelstaart
gedaagde
verder te noemen: San Service
niet verschenen

1.Het procesverloop

1.1.
[eiser] heeft San Service op 10 augustus 2023 gedagvaard.
1.2.
De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 23 augustus 2023. San Service is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen. Tegen San Service is verstek verleend.
1.3.
De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat [eiser] ter toelichting van zijn standpunt naar voren heeft gebracht.

2.De feiten

2.1.
[eiser] is van 1 januari 2023 op grond van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd in dienst getreden bij San Service in de functie van chauffeur, voor 40 uur per week, tegen een salaris van € 13,10 bruto per uur. Op de arbeidsovereenkomst is de CAO Beroepsgoederenvervoer over de weg en de verhuur van mobiele kranen van toepassing.
2.2.
San Service is een bedrijf dat zich bezig houdt met goederenvervoer over de weg en koeriersdiensten.
2.3.
Op 15 april 2023 heeft San Service de arbeidsovereenkomst met [eiser] opgezegd. [eiser] heeft in het ontslag berust.
2.4.
Op 30 april 2023 heeft San Service het salaris over de maand april 2023 aan [eiser] uitbetaald. Op de bijbehorende specificatie staat bij ‘Loon april 2023’ een bedrag van
€ 193,23 vermeld.
2.5.
Bij brief van 16 mei 2023 heeft de gemachtigde van [eiser] San Service gesommeerd om binnen 14 dagen het over april 2023 te weinig betaalde loon aan [eiser] te betalen en een nieuwe salarisspecificatie voor de maand april 2023 op te maken.

3.De vordering

3.1.
[eiser] vordert – samengevat – dat de kantonrechter, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, San Service bij wijze van voorlopige voorziening te veroordelen:
I. tot betaling van het achterstallige loon over de maand april 2023, begroot op
€ 947,47 bruto, althans een door de kantonrechter te bepalen voorziening, te vermeerderen met de wettelijke verhoging op grond van artikel 7:625 BW Pro en de wettelijke rente vanaf 16 mei 2023;
II. tot het binnen twee dagen na het te wijzen vonnis verstrekken aan [eiser] van een gecorrigeerde salarisspecificatie over de maand april 2023 op grond van artikel 7:626 BW Pro op straffe van een dwangsom van € 100,- per dag met een maximum van € 5.000,-;
III. in de kosten van dit geding.

4.De beoordeling

4.1.
[eiser] legt aan zijn vorderingen ten grondslag – kort weergegeven – dat hij over de maand april 2023 te weinig loon heeft ontvangen. [eiser] heeft 11 dagen gewerkt die maand en had daarom niet € 192,23 bruto, maar € 947,47 bruto moeten ontvangen. Ondanks dat hij San Service heeft aangesproken en gesommeerd om het salaris over april 2023 te betalen, is San Service niet tot betaling overgegaan.
4.2.
Ter zitting heeft [eiser] toegelicht dat het spoedeisende belang bij zijn loonvordering is gelegen in het inhalen van betalingsachterstanden.
4.3.
De kantonrechter zal de vorderingen toewijzen. [eiser] heeft het spoedeisende belang bij de hoofdvordering (de loonbetaling) voldoende aannemelijk gemaakt. De nevenvordering is daarmee nauw verwant, zodat ook ten aanzien van die vordering het spoedeisend belang wordt aangenomen. De vorderingen komen de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor, behoudens de termijn van twee dagen voor het verstrekken van de salarisspecificatie over de maand april 2023. De kantonrechter zal aan deze veroordeling een termijn van 4 weken verbinden.
4.4.
De proceskosten komen voor rekening van San Service, omdat zij ongelijk krijgt. Aangezien [eiser] op basis van een toevoeging procedeert, blijven de verschotten beperkt tot het verschuldigde griffierecht.

5.De beslissing

De kantonrechter:
5.1.
veroordeelt San Service tot betaling aan [eiser] van € 947,47 bruto te vermeerderen met de wettelijke verhoging ex artikel 7:625 BW Pro en de wettelijke rente over dat bedrag vanaf de datum van opeisbaarheid van de betreffende loontermijn tot aan de dag van de gehele betaling;
5.2.
veroordeelt San Service om binnen vier weken na dagtekening van dit vonnis aan [eiser] te verstrekken een gecorrigeerde salarispecificatie voor de maand april 2023, op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 100,- voor iedere dag of gedeelte daarvan dat San Service in gebreke mocht blijven aan deze veroordeling te voldoen, met een maximum van € 5.000,-;
5.3.
veroordeelt San Service tot betaling van de proceskosten, die de kantonrechter aan de kant van [eiser] tot en met vandaag vaststelt op:
dagvaarding € 132,42
griffierecht € 86,00
salaris gemachtigde € 529,00 ;
5.4.
wijst het meer of anders gevorderde af en verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. W. Aardenburg en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter