Uitspraak
1.Het verloop van de procedure
2.Overwegingen
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Noord-Holland
Betrokkene kreeg een boete opgelegd voor het doorrijden bij een rood knipperlicht bij overweglichten. Tegen deze administratieve sanctie werd beroep ingesteld bij de officier van justitie, die het beroep ongegrond of niet-ontvankelijk verklaarde. Betrokkene ging vervolgens in beroep bij de kantonrechter.
De kantonrechter oordeelde dat de termijnoverschrijding bij de indiening van het beroepschrift verschoonbaar was, omdat betrokkene steeds tijdig had gereageerd op correspondentie en de intentie had het beroep tijdig in te dienen. Hierdoor werd het beroep inhoudelijk behandeld.
Op de zitting was de vertegenwoordiger van de officier van justitie aanwezig, betrokkene niet. De kantonrechter stelde vast dat de gedraging van doorrijden bij rood knipperlicht op basis van de verklaring van de verbalisant kon worden vastgesteld. Echter, gelet op het verweer van betrokkene dat de spoorbomen al open waren en dat een waarschuwing op zijn plaats was geweest, en de bevestiging hiervan bij het politiebureau, achtte de kantonrechter matiging van de boete passend.
Gezien de omstandigheden en de financiële situatie van betrokkene werd de boete gematigd tot nihil. Het beroep werd daarom gedeeltelijk gegrond verklaard en de beslissing van de officier van justitie gewijzigd.
Uitkomst: De boete voor doorrijden bij rood knipperlicht bij overweglichten is gematigd tot nihil.