Uitspraak
1.Het verloop van de procedure en het proces-verbaal van de zitting
2.Overwegingen
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Rechtbank Noord-Holland
Betrokkene kreeg een administratieve verkeersboete opgelegd en stelde beroep in bij de officier van justitie. Deze verklaarde het beroep gegrond en kende een proceskostenvergoeding toe. Betrokkene ging hiertegen in beroep bij de kantonrechter.
Tijdens de zitting op 30 juni 2023 was de vertegenwoordiger van de officier van justitie aanwezig, maar betrokkene en diens gemachtigde niet. De gemachtigde stelde dat de officier van justitie niet binnen de wettelijke termijn had beslist, waardoor een dwangsom van €1.442,00 plus rente was verbeurd.
De kantonrechter volgde dit standpunt en baseerde zich op artikel 4:17 van Pro de Algemene wet bestuursrecht om de dwangsom toe te wijzen. Het verzoek tot vergoeding van proceskosten wegens rechtsbijstand werd afgewezen met verwijzing naar een eerdere uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. De officier van justitie moet het bedrag aan betrokkene voldoen, vermeerderd met wettelijke rente.
Uitkomst: De rechtbank stelt de dwangsom vast op €1.442,00 en bepaalt dat de officier van justitie dit bedrag aan betrokkene moet betalen, vermeerderd met wettelijke rente.