ECLI:NL:RBNHO:2023:9229

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
7 juli 2023
Publicatiedatum
18 september 2023
Zaaknummer
10511165 \ WM VERZ 23-334
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 WAHVArt. 14 WAHV
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bestuursrechtelijke vernietiging boete wegens handelen in strijd met geslotenverklaring

Betrokkene kreeg meerdere boetes opgelegd voor het als bestuurder handelen in strijd met een geslotenverklaring in beide richtingen. Tegen de opgelegde boetes stelde betrokkene beroep in bij de officier van justitie, die deze beroepen ongegrond of niet-ontvankelijk verklaarde. Vervolgens stelde betrokkene beroep in bij de kantonrechter.

Tijdens de zitting op 7 juli 2023 was de vertegenwoordiger van de officier van justitie aanwezig, betrokkene verscheen niet. De officier van justitie gaf aan dat meerdere boetes in korte tijd onredelijk waren en verzocht om alleen de eerste boete in stand te laten en de overige te vernietigen.

De kantonrechter oordeelde dat elke overtreding afzonderlijk kan worden beboet, maar volgde het redelijke voorstel van de officier van justitie. Daarom werd de beschikking van de tiende boete en de beslissing van de officier van justitie vernietigd. Tevens werd bepaald dat het door betrokkene betaalde bedrag als zekerheidstelling wordt terugbetaald.

Het beroep werd daarmee gegrond verklaard en de beslissing van de officier van justitie vernietigd.

Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt gegrond verklaard en de tiende boete en beslissing van de officier van justitie worden vernietigd.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Handel, Kanton en Bewind
locatie Alkmaar
Zaaknummer : 10511165 \ WM VERZ 23-334
CJIB-nummer : 251033117
Uitspraakdatum : 7 juli 2023
Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV)
in de zaak van
[betrokkene]
(hierna te noemen: betrokkene).

1.Het verloop van de procedure

1.1.
Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond dan wel niet-ontvankelijk verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
1.2.
De zaak is behandeld op de zitting van 7 juli 2023. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

2.Overwegingen

2.1.
De gedraging
De gedraging waarvoor de boete is opgelegd, luidt – kort omschreven – als volgt: als bestuurder handelen in strijd met een geslotenverklaring in beide richtingen.
2.2.
Het verweer tegen de opgelegde boete
Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft aangevoerd dat de gemeente is overgestapt naar een andere aanbieder en dat daardoor de fout is ontstaan. Betrokkene heeft al jaren een parkeerontheffing.
2.3.
Het standpunt van de vertegenwoordiger van de officier van justitie
De vertegenwoordiger van de officier van justitie heeft op de zitting meegedeeld dat aan betrokkene meerdere boetes in korte tijd zijn opgelegd en dat dit onredelijk is. Zij heeft de kantonrechter verzocht om de eerste boete in stand te laten en de daaropvolgende boetes te vernietigen.
2.4.
De beoordeling van de gedraging waarvoor de boete is opgelegd
De kantonrechter stelt vast dat aan betrokkene meerdere boetes zijn opgelegd voor het handelen in strijd met gesloten verklaring. Op zichzelf moeten deze gedragingen worden aangemerkt als aparte en te onderscheiden overtredingen, waarvoor ook telkens een boete kan worden opgelegd. De kantonrechter volgt in dit geval het voorstel van de vertegenwoordiger van de officier van justitie, omdat dat redelijk voorkomt. Gelet hierop ziet de kantonrechter aanleiding om de beschikking waarbij de onderhavige boete (de tiende boete van tien boetes) is opgelegd en de beslissing van de officier van justitie te vernietigen. Het beroep is daarom gegrond.
De uitspraak
De kantonrechter:
‒ verklaart het beroep gegrond;
‒ vernietigt de beslissing van de officier van justitie en de beschikking waarbij de
boete is opgelegd;
‒ bepaalt dat de officier van justitie het bedrag dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terugbetaalt.
Deze uitspraak is gedaan door mr. D.D.M. Hazeu, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV Pro hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 110,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht.
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Datum toezending: