Uitspraak
RECHTBANK Noord-Holland
1.De procedure
2.De feiten
3.Het verzoek
4.De beoordeling
5.De beslissing
mr. A. de Groot, advocaat, kantoorhoudende in (1815 JC) Alkmaar, aan de Wilhelminalaan 10,
Rechtbank Noord-Holland
Op 27 januari 2024 overleed de heer, laatstelijk woonachtig te Hoorn, zonder testament en liet een minderjarig kind als enige erfgenaam achter. Omdat de nalatenschap niet binnen drie maanden werd verworpen, wordt deze beneficiair aanvaard door de minderjarige, vertegenwoordigd door haar moeder.
De wettelijk vertegenwoordiger verzocht op 3 september 2024 bij de rechtbank Noord-Holland, locatie Alkmaar, om benoeming van een vereffenaar omdat zij niet bekend is met de financiële situatie van de overledene en door een verstoorde familieband niet in staat is de nalatenschap af te wikkelen.
De rechtbank oordeelde dat zij bevoegd is en dat aan de voorwaarden voor benoeming van een vereffenaar is voldaan. Op verzoek van de verzoekster werd mr. A. de Groot benaderd en bereid gevonden als vereffenaar op te treden. De rechtbank benoemt hem en draagt op dat de benoeming bekend wordt gemaakt in de Staatscourant. Het loon van de vereffenaar zal door de kantonrechter worden vastgesteld.
De beschikking is zonder mondelinge behandeling gegeven en is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De rechtbank benoemt mr. A. de Groot tot vereffenaar van de nalatenschap van de overledene.