Uitspraak
1.De procedure
- de mondelinge behandeling van 9 september 2024, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
Rechtbank Noord-Holland
In deze kortgedingprocedure vordert Stichting Woonopmaat de ontruiming van een woning die door de gedaagde wordt bewoond. De huurovereenkomst tussen partijen is overeengekomen voor de duur van twee jaar en is geëindigd op 7 juli 2024. Daarnaast was er een woonbegeleidingsovereenkomst die onlosmakelijk verbonden was met de huurovereenkomst.
De gedaagde is, ondanks behoorlijke oproeping, niet verschenen en verstek is verleend. De kantonrechter benadrukt dat een ontruiming een ingrijpende maatregel is die terughoudendheid vereist, zeker in een kortgedingprocedure waarin geen diepgaand feitenonderzoek plaatsvindt.
Op grond van de onbetwiste feiten en de beëindiging van de huurovereenkomst oordeelt de kantonrechter dat de gedaagde zonder recht of titel in de woning verblijft. De vordering tot ontruiming wordt daarom toegewezen, met een termijn van zeven dagen voor ontruiming en afgifte van de sleutels. Tevens wordt de gedaagde veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot ontruiming wordt toegewezen en de gedaagde wordt veroordeeld binnen zeven dagen de woning te verlaten.