Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid[gedaagde 1] B.V., handelend onder de naam [bedrijf]
2. [gedaagde 2],
1.Het procesverloop
2.De beoordeling
3.De beslissing
griffierecht € 533,00;
Rechtbank Noord-Holland
In deze kortgedingprocedure vordert eiser betaling van een huurachterstand van €1.494,21 van de huurder, een besloten vennootschap (B.V.), en daarnaast betaling van dezelfde huurachterstand van de bestuurder van die B.V. De gedaagden zijn niet verschenen, waarna verstek is verleend.
De kantonrechter oordeelt dat de vordering tegen de B.V. toewijsbaar is omdat de huurachterstand spoedeisend en niet onrechtmatig of ongegrond is. De vordering tegen de bestuurder wordt afgewezen omdat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat sprake is van bestuurdersaansprakelijkheid. De rechtbank benadrukt dat een bestuurder alleen aansprakelijk kan worden gehouden als hem persoonlijk een ernstig verwijt kan worden gemaakt, wat hier niet het geval is.
De proceskosten worden aan de B.V. opgelegd, met verrekening van reeds betaalde kosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en is op 24 juli 2024 door kantonrechter S.N. Schipper in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De vordering tot betaling van huurachterstand wordt toegewezen tegen de huurder B.V. en afgewezen tegen de bestuurder wegens onvoldoende bewijs van bestuurdersaansprakelijkheid.