Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.De procedure
- de dagvaarding met producties 1 t/m 8
- de producties 1 t/m 4 van de zijde van de vrouw
- de mondelinge behandeling op 25 juni 2024
- de pleitnota van de man
- de pleitnota van de vrouw.
Rechtbank Noord-Holland
De man en vrouw, voormalig echtelieden, zijn in geschil over de verkoop van een woning en de uitschrijving van hun vennootschap onder firma (vof). Na hun echtscheiding is de huwelijksgoederengemeenschap nog niet verdeeld en is de vof nog niet vereffend. Er is sprake van een hoge belastingschuld en onduidelijkheid over de financiële afwikkeling.
De man vordert dat de vrouw meewerkt aan de verkoop van de woning en de uitschrijving van de vof, met machtiging aan de notaris om de opbrengst te beheren en te verdelen. Hij stelt een spoedeisend belang te hebben vanwege zijn leeftijd, verminderde inkomsten en schulden. De vrouw betwist het spoedeisend belang en wijst op het ontbreken van stappen tot verdeling en vereffening, evenals de complexiteit van de situatie.
De voorzieningenrechter constateert dat partijen ondanks procesafspraken en aanhouding geen voortgang hebben geboekt. De man heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hij daadwerkelijk stappen heeft ondernomen om tot verdeling te komen. De rechtbank oordeelt dat het spoedeisend belang ontbreekt en dat de verkoop van de woning niet los van de overige kwesties kan plaatsvinden.
De vorderingen worden daarom afgewezen en de proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De vorderingen tot verkoop van de woning en uitschrijving van de vof worden afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.