Eiseres, Hiltermann Lease B.V., en gedaagde sloten een huurkoopovereenkomst voor een bedrijfsauto met een looptijd van 60 maanden. Gedaagde betaalde niet alle leasetermijnen, ondanks aanmaningen. Eiseres ontbond daarop de overeenkomst op 21 mei 2024 en vorderde betaling van achterstallige en toekomstige termijnen, incassokosten en kosten voor inname van de auto.
Gedaagde erkende de betalingsachterstand en stelde dat hij de auto nog in bezit had, met schade die eerst onder verzekering hersteld moest worden. De rechtbank oordeelde dat de ontbinding rechtsgeldig was en dat gedaagde aansprakelijk bleef voor de achterstallige betalingen en toekomstige leasetermijnen volgens de algemene voorwaarden.
De rechtbank kende contractuele rente toe over de achterstand tot ontbinding en wettelijke rente over de toekomstige termijnen vanaf ontbinding. Tevens werd gedaagde veroordeeld tot vergoeding van gematigde incassokosten en de kosten voor inname van de auto indien deze niet binnen 72 uur werd ingeleverd. Proceskosten werden eveneens aan gedaagde opgelegd. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.