AirHelp heeft compensatie gevorderd van de vervoerder Transavia Airlines C.V. wegens een vlucht die op 5 mei 2022 meer dan drie uur vertraagd aankwam op de eindbestemming. De passagiers hadden hun vorderingsrecht aan AirHelp overgedragen. De vervoerder stelde dat de vertraging het gevolg was van buitengewone omstandigheden, namelijk beperkingen opgelegd door de luchtverkeersleiding.
De vervoerder heeft echter niet aannemelijk gemaakt dat alle redelijke maatregelen waren getroffen om deze omstandigheden te voorkomen. Zo was het leasetoestel pas een uur te laat beschikbaar en werd onvoldoende onderbouwd waarom er geen alternatieven waren. Ook is onvoldoende duidelijk gemaakt dat de luchtverkeersleiding beperkingen zou hebben opgelegd als het toestel tijdig beschikbaar was geweest.
De kantonrechter oordeelt dat de vervoerder onvoldoende bewijs heeft geleverd voor het treffen van alle redelijke maatregelen en wijst daarom de vordering van AirHelp toe. De vervoerder wordt veroordeeld tot betaling van € 800,00 compensatie, proceskosten en nakosten, met wettelijke rente vanaf 5 mei 2022.