Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Het verloop van de procedure
- het verzoekschrift, met bijlagen, van de GI, ontvangen op 22 maart 2024;
- het verweerschrift, met zelfstandig verzoek, van de moeder, van 19 april 2024.
- mr. J.W.E. Groot, namens de moeder;
- namens de GI, [vertegenwoordiger van de GI] en [vertegenwoordiger van de GI] .
2.De feiten
3.Het verzoek
4.Het verweer van de moeder
- primair: de verzoeken van de GI af te wijzen;
- subsidiair: de machtiging tot uithuisplaatsing van [de minderjarige 1] en [de minderjarige 2] slechts te verlengen voor de duur van één maand en bij [de minderjarige 3] en [de minderjarige 4] voor de duur van twee maanden, binnen welke termijn de terugplaatsing van de kinderen dient te geschieden;
- en, indien de kinderrechter wel gronden aanwezig acht voor een verlenging van de ondertoezichtstelling, de huidige GI te vervangen door een andere GI, indien te voorzien is dat de nieuwe gezinsvoogden van de GI de vastgelopen samenwerking/situatie niet zullen kunnen vlottrekken.
5.De mening van [de minderjarige 1] , [de minderjarige 2] , [de minderjarige 3] en [de minderjarige 4]
6.De beoordeling
7.De beslissing
- [de minderjarige 1], geboren op [geboortedatum] in [geboorteplaats] ,
- [de minderjarige 2], geboren op [geboortedatum] in [geboorteplaats] ,
- [de minderjarige 3], geboren op [geboortedatum] in [geboorteplaats] ,
- [de minderjarige 4], geboren op [geboortedatum] in [geboorteplaats] ,
- door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.