ECLI:NL:RBNHO:2024:14084
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering urgentieverklaring wegens onvoldoende medische noodzaak en toepassing hardheidsclausule
Eisers, wonend op de vierde verdieping zonder lift, vroegen een urgentieverklaring aan vanwege medische klachten die het traplopen bemoeilijken. Het college weigerde deze aanvraag op basis van medisch advies van een onafhankelijke arts, die concludeerde dat er geen absoluut onvermogen tot traplopen is en geen dringende medische noodzaak voor verhuizing.
Na bezwaar handhaafde het college het besluit. De rechtbank toetste terughoudend en oordeelde dat het college in redelijkheid de aanvraag mocht weigeren. De medische verklaringen van eisers waren onvoldoende concreet en deels verouderd, terwijl het advies van de onafhankelijke arts objectief en onpartijdig was.
Eisers voerden tevens aan dat de hardheidsclausule toegepast moest worden vanwege hun situatie en het evenredigheidsbeginsel. De rechtbank stelde dat het college een ruime beoordelingsvrijheid heeft en dat de situatie van eisers niet uitzonderlijk genoeg is om van de verordening af te wijken.
Het beroep werd ongegrond verklaard, met de mogelijkheid voor eisers om bij verslechtering van hun situatie een nieuwe aanvraag in te dienen. De rechtbank wees ook op de mogelijkheid van hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de urgentieverklaring is ongegrond verklaard.