ECLI:NL:RBNHO:2024:1433

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
14 februari 2024
Publicatiedatum
14 februari 2024
Zaaknummer
10779032 \ CV EXPL 23-7157
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Verstek
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:96 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ambtshalve toetsing incassobeding en rentebeding in algemene voorwaarden zorgverzekering

Zilveren Kruis heeft een vordering ingesteld tegen de gedaagde partij wegens niet-betaalde premie en wettelijke rente. De gedaagde is niet verschenen, waarna verstek is verleend. De kantonrechter toetst ambtshalve de algemene voorwaarden van Zilveren Kruis, met name het incassobeding en het rentebeding.

Het incassobeding in artikel 9.2 van de algemene voorwaarden stelt dat diverse kosten, waaronder administratiekosten, invorderingskosten en wettelijke rente, bij de consument in rekening kunnen worden gebracht. De kantonrechter oordeelt dat dit beding oneerlijk is, omdat het een bredere strekking heeft dan de wettelijke mogelijkheden en de consument onevenredig belast. Tevens ontbreekt de verplichte termijn voor incassokosten en is er ruimte om meer kosten te rekenen dan wettelijk is toegestaan. Dit beding wordt daarom vernietigd.

Het rentebeding wordt echter niet als oneerlijk beoordeeld, voor zover de rente wordt berekend over de verschuldigde premie. De verzekeringnemer is immers zonder ingebrekestelling in verzuim bij niet-tijdige betaling. De vordering tot betaling van de hoofdsom en wettelijke rente wordt toegewezen, evenals de proceskosten, met uitzondering van de kosten voor de extra akte die voor rekening van Zilveren Kruis blijven.

De kantonrechter veroordeelt de gedaagde tot betaling van € 265,05 plus rente over € 259,90 vanaf 27 oktober 2023 en tot betaling van proceskosten. Het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.

Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van premie en rente, incassokostenbeding wordt vernietigd.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie
locatie Haarlem
Zaaknr./rolnr.: 10779032 \ CV EXPL 23-7157
Uitspraakdatum: 7 februari 2024
Verstekvonnis in de zaak van:
de naamloze vennootschap
Zilveren Kruis Zorgverzekeringen N.V.
gevestigd te Utrecht
de eisende partij
verder te noemen: Zilveren Kruis
gemachtigde: Flanderijn gerechtsdeurwaarders
tegen
[gedaagde]
wonende te [plaats]
de gedaagde partij
niet verschenen

1.Het procesverloop

1.1.
Zilveren Kruis heeft een vordering tegen de gedaagde partij ingesteld. Tegen de gedaagde partij is verstek verleend.
1.2.
Op 6 december 2023 is een tussenvonnis gewezen. Ter uitvoering van dat tussenvonnis heeft Zilveren Kruis een akte ingediend. Vervolgens is een datum voor vonnis bepaald.

2.De beoordeling

2.1.
Zilveren Kruis vordert veroordeling van de gedaagde partij tot betaling van € 313,45, te vermeerderen met de wettelijke rente over een bedrag van € 259,90. Daarnaast vordert zij veroordeling van de gedaagde partij in de proceskosten.
Hoofdsom
2.2.
De hoofdsom zal worden toegewezen, omdat deze de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt.
Ambtshalve toetsing van de Voorwaarden basisverzekeringen en aanvullende verzekeringen 2023 (hierna: de Algemene Voorwaarden)
Buitengerechtelijke incassokosten en rente
2.3.
Zilveren Kruis maakt aanspraak op vergoeding van de buitengerechtelijke incassokosten en wettelijke rente. In artikel 9.2 van de Algemene Voorwaarden is daarover het volgende beding opgenomen.
“(…) Als u (verzekeringnemer) niet op tijd betaalt, kunnen wij administratiekosten, invorderingskosten (waaronder incassokosten) en de wettelijke rente aan u (verzekeringnemer) in rekening brengen.”
De kantonrechter moet beoordelen of dit beding in de Algemene Voorwaarden oneerlijk is ten opzichte van de consument.
2.4.
De kantonrechter oordeelt dat het beding oneerlijk is, omdat Zilveren Kruis op grond van het beding diverse soorten kosten (administratiekosten, invorderingskosten (waaronder incassokosten) en wettelijke rente) bij de consument in rekening kan brengen. Het beding heeft een aanzienlijk bredere strekking dan de kosten die op grond van de wet gevorderd kunnen worden. Incassokosten wordt immers als één van de voorbeelden genoemd, naast administratiekosten en invorderingskosten. Omdat Zilveren Kruis zichzelf met het beding de bevoegdheid heeft gegeven om – naast wettelijke rente en incassokosten – bij de consument, onder diverse noemers, meer invorderingskosten in rekening te brengen, is sprake van een aanzienlijke verstoring van de rechten en verplichtingen voortvloeiend uit de overeenkomst, ten nadele van de consument. Bovendien schrijft artikel 6:96 van Pro het Burgerlijk Wetboek voor dat de incassokosten pas ná het verstrijken van de in de veertiendagenbrief genoemde termijn verschuldigd worden. Dit is niet in het beding opgenomen. Voorts laat het beding de mogelijkheid open om meer incassokosten in rekening te brengen dan volgt uit de normering in het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten. Ook dat is oneerlijk.
Op basis van het voorgaande is de kantonrechter van oordeel dat het beding oneerlijk is. Het beding wordt daarom vernietigd.
2.5.
De kantonrechter vindt het beding voor wat betreft de wettelijke rente niet oneerlijk, voor zover deze rente wordt berekend over de verschuldigde premie. Uit de overeengekomen betalingstermijn volgt namelijk dat de verzekeringnemer zonder ingebrekestelling in verzuim is als de premie niet op tijd wordt betaald.
2.6.
De argumenten die Zilveren Kruis heeft aangevoerd voor haar stelling dat het beding niet oneerlijk is, leiden niet tot een ander oordeel.
Conclusie
2.7.
Omdat het beding op grond waarvan de buitengerechtelijke incassokosten bij de consument in rekening kan worden gebracht oneerlijk is, heeft Zilveren Kruis ook geen recht op de buitengerechtelijke incassokosten. Die nevenvordering zal daarom worden afgewezen.
2.8.
De gedaagde partij wordt overwegend in het ongelijk gesteld en zal daarom in de
proceskosten worden veroordeeld. De kosten voor de genomen akte blijven echter voor rekening van Zilveren Kruis, aangezien het aan haarzelf te wijten is dat het nodig was deze extra akte op te stellen.

3.De beslissing

De kantonrechter:
3.1.
veroordeelt de gedaagde partij tot betaling aan Zilveren Kruis van € 265,05‬, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 259,90 vanaf 27 oktober 2023 tot aan de dag van volledige betaling;
3.2.
veroordeelt de gedaagde partij tot betaling van de proceskosten, die de kantonrechter aan de kant van Zilveren Kruis tot en met vandaag vaststelt op:
€ 130,48 wegens dagvaardingskosten,
€ 128,00 wegens griffierecht en
€ 82,00 wegens salaris gemachtigde;
3.3.
verklaart de veroordeling(en) in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
3.4.
wijst af het meer of anders gevorderde.
Dit vonnis is gewezen door mr. W.S.J. Thijs en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter