Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Het verloop van de procedure
Overwegingen
De uitspraak
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Noord-Holland
Betrokkene heeft beroep ingesteld tegen een administratieve sanctie in de vorm van een verkeersboete. De procedure is behandeld op 16 januari 2024 bij de rechtbank Noord-Holland, locatie Zaanstad. De gemachtigde van betrokkene stelde dat de hoorplicht was geschonden en verzocht om verlaging van de boete met 25%, verwijzend naar een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
De officier van justitie stelde dat sinds 22 december 2022 op de beschikking vermeld staat dat betrokkene uiterlijk binnen zes weken kan aangeven of hij gehoord wil worden. Betrokkene heeft hiervan geen gebruik gemaakt, waardoor het bestuursorgaan kon afzien van het horen. De kantonrechter bevestigde dat op de beschikking van 13 februari 2023 deze termijn was vermeld en dat betrokkene niet heeft verzocht om een hoorzitting.
De kantonrechter oordeelde dat de hoorplicht niet is geschonden en dat de verwijzing naar de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden niet relevant is, omdat die situatie afwijkt doordat daar geen termijn was gesteld. Daarnaast bleek uit de stukken, met name de verklaring van de verbalisant, voldoende dat de overtreding had plaatsgevonden. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt ongegrond verklaard omdat de hoorplicht niet is geschonden.