ECLI:NL:RBNHO:2024:2855
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging WOZ-waarde woning op basis van eigen aankoopcijfer en indexering
Eiseres betwist de vastgestelde WOZ-waarde van haar woning per 1 januari 2021 en stelt een lagere waarde van €1.238.000 voor. Verweerder baseert de vaststelling op het eigen aankoopcijfer van €1.593.000 uit januari 2019, geïndexeerd naar de waardepeildatum tot €1.839.577, en stelt de WOZ-waarde vast op €1.766.000.
De rechtbank overweegt dat het eigen aankoopcijfer, ondanks dat het circa 24 maanden vóór de waardepeildatum ligt, een betrouwbare indicatie vormt voor de waarde op de peildatum, conform jurisprudentie van het Gerechtshof Den Haag. Verweerder heeft het aankoopcijfer adequaat geïndexeerd en daarmee de vastgestelde WOZ-waarde onderbouwd.
Eiseres voert diverse bezwaren aan, waaronder het niet voldoen aan artikel 40 Wet Pro WOZ, het verbod van willekeur, het gelijkheidsbeginsel en de meerderheidsregel. De rechtbank oordeelt dat verweerder aan het informatieverzoek heeft voldaan, niet in strijd heeft gehandeld met het verbod van willekeur of het vertrouwensbeginsel, en dat de woningen die eiseres aandraagt niet voldoende vergelijkbaar zijn om het gelijkheidsbeginsel te doen slagen.
De rechtbank wijst het beroep af en ziet geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. De zitting vond plaats zonder aanwezigheid van eiseres of haar gemachtigde, die zich kort voor aanvang ziek had gemeld. De rechtbank achtte het belang van een tijdige procesafhandeling zwaarder dan het belang van uitstel.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van €1.766.000 wordt ongegrond verklaard.