ECLI:NL:RBNHO:2024:3712

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
16 april 2024
Publicatiedatum
16 april 2024
Zaaknummer
10787024
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Verstek
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing vordering teruggave glas-in-loodramen en betaling na buitengerechtelijke ontbinding bouwovereenkomst

In deze civiele bouwzaak heeft de eisende partij de gedaagde, een bouwbedrijf, gedagvaard wegens verzuim en buitengerechtelijke ontbinding van de overeenkomst. De gedaagde partij is niet verschenen, waarna verstek is verleend.

De kantonrechter oordeelt dat de vorderingen van de eisende partij gegrond zijn. De gedaagde wordt veroordeeld tot teruggave van negen glas-in-loodramen in de staat waarin deze zijn verwijderd, binnen 14 dagen na betekening van het vonnis, onder dreiging van een dwangsom van €500 per dag met een maximum van €50.000.

Daarnaast moet de gedaagde €37.225,40 betalen, vermeerderd met wettelijke rente over €36.089,50 vanaf 13 oktober 2023 tot volledige betaling. Tevens wordt de gedaagde veroordeeld tot betaling van beslagkosten en proceskosten, inclusief nasalaris, met rente vanaf 14 dagen na betekening. Het griffierecht voor het beslagrekest wordt afgewezen wegens verrekening.

Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en is in het openbaar uitgesproken door kantonrechter M. Flipse.

Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot teruggave van glas-in-loodramen en betaling van €37.225,40 met rente en proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie
locatie Haarlem
Grosse verzonden op:
Zaaknr./rolnr.: 10787024 CV EXPL 23-7295 /
Uitspraakdatum: 7 februari 2024

Verstekvonnis in de zaak van:

[eiser]
te [plaats 1]
de eisende partij
gemachtigde: mr. S.M. Depmann
tegen
de besloten vennootschap Siccama Bouwgroep B.V.
te [plaats 2]
de gedaagde partij
niet verschenen

De procedure

De eisende partij heeft de gedaagde partij gedagvaard. Tegen de gedaagde partij is verstek verleend.

De beoordeling

Het opgevoerde griffierecht voor het beslagrekest zal worden afgewezen, omdat dit griffierecht al is verrekend met het griffierecht dat in deze zaak verschuldigd is.
De vordering wordt voor het overige toegewezen, omdat deze de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt.
De gedaagde partij wordt in het ongelijk gesteld en zal daarom in de proceskosten worden veroordeeld. Daarbij wordt de gedaagde partij ook veroordeeld tot betaling van € 135,00 aan nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door de eisende partij worden gemaakt. De gevorderde rente over de proceskosten zal worden toegewezen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis.

De beslissing

De kantonrechter:
veroordeelt de gedaagde partij om de negen aan de eisende partij in eigendom toebehorende glas in lood ramen binnen 14 dagen na betekening van dit vonnis, in de staat waarin de gedaagde partij deze bij de eisende partij heeft verwijderd en heeft meegenomen, aan de eisende partij te retourneren. Op straffe van een dwangsom van € 500,00 per dag of gedeelte daarvan dat de gedaagde partij niet aan het voorafgaande voldoet, met een maximum van
€ 50.000,00;
veroordeelt de gedaagde partij tot betaling aan de eisende partij van € 37.225,40, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 36.089,50 vanaf 13 oktober 2023 tot aan de dag van de gehele betaling;
veroordeelt de gedaagde partij in de beslagkosten, tot op heden begroot op € 360,77 voor verschotten en € 614,00 voor salaris gemachtigde totaal € 974,77.
veroordeelt de gedaagde partij tot betaling van de proceskosten, die de kantonrechter aan de kant van de eisende partij tot en met vandaag vaststelt op:
€ 129,14 wegens dagvaardingskosten,
€ 693,00 wegens griffierecht (conservatoir beslag: € 314,00 kanton: € 379,00),
€ 543,00 wegens salaris gemachtigde en veroordeelt de gedaagde partij tot betaling van
€ 135,00 aan nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door de eisende partij worden gemaakt, vermeerderd met de wettelijke rente over de proceskosten vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis tot de dag van volledige betaling;
verklaart de veroordeling(en) in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
wijst de vordering voor het overige af.
Dit vonnis is gewezen door mr. M. Flipse en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie
locatie Haarlem
Zaaknr./rolnr.: 10787024 CV EXPL 23-7295 /
Uitspraakdatum: 7 februari 2024

Verstekvonnis in de zaak van:

[eiser]
te [plaats 1]
de eisende partij
gemachtigde: mr. S.M. Depmann
tegen
de besloten vennootschap Siccama Bouwgroep B.V.
te [plaats 2]
de gedaagde partij
niet verschenen

De procedure

De eisende partij heeft de gedaagde partij gedagvaard. Tegen de gedaagde partij is verstek verleend.

De beoordeling

Het opgevoerde griffierecht voor het beslagrekest zal echter worden afgewezen, omdat dit griffierecht al is verrekend met het griffierecht dat in deze zaak verschuldigd is.
De vordering wordt voor het overige toegewezen, omdat deze de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt.
De gedaagde partij wordt in het ongelijk gesteld en zal daarom in de proceskosten worden veroordeeld. Daarbij wordt de gedaagde partij ook veroordeeld tot betaling van € 135,00 aan nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door de eisende partij worden gemaakt. De gevorderde rente over de proceskosten zal worden toegewezen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis.

De beslissing

De kantonrechter:
veroordeelt de gedaagde partij om de negen aan de eisende partij in eigendom toebehorende glas in lood ramen binnen 14 dagen na betekening van dit vonnis, in de staat waarin de gedaagde partij deze bij de eisende partij heeft verwijderd en heeft meegenomen, aan de eisende partij te retourneren. Op straffe van een dwangsom van € 500,00 per dag of gedeelte daarvan dat de gedaagde partij niet aan het voorafgaande voldoet, met een maximum van
€ 50.000,00;
veroordeelt de gedaagde partij tot betaling aan de eisende partij van € 37.225,40, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 36.089,50 vanaf 13 oktober 2023 tot aan de dag van de gehele betaling;
veroordeelt de gedaagde partij in de beslagkosten, tot op heden begroot op € voor verschotten en € voor salaris gemachtigde totaal € .
veroordeelt de gedaagde partij in de beslagkosten, tot op heden begroot op € 268,10 voor uitbrengen beslagexploot en € 92,67 voor kosten overbetekening aan de gedaagde partij totaal € 360,77;
veroordeelt de gedaagde partij tot betaling van de proceskosten, die de kantonrechter aan de kant van de eisende partij tot en met vandaag vaststelt op:
€ 129,14 wegens dagvaardingskosten,
€ 693,00 wegens griffierecht (conservatoir beslag: € 314,00 kanton: € 379,00),
€ 543,00 wegens salaris gemachtigde en veroordeelt de gedaagde partij tot betaling van
€ 135,00 aan nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door de eisende partij worden gemaakt, vermeerderd met de wettelijke rente over de proceskosten vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis tot de dag van volledige betaling;
verklaart de veroordeling(en) in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
wijst de vordering voor het overige af.
Dit vonnis is gewezen door mr. M. Flipse en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.