ECLI:NL:RBNHO:2024:4359
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs van gewelddadige diefstal en vrijheidsberoving met cryptovaluta
De rechtbank Noord-Holland heeft op 29 april 2024 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte die werd verdacht van gewelddadige diefstal, bedreiging, vrijheidsberoving en verduistering van cryptovaluta. De tenlastelegging betrof onder meer het met geweld wegnemen van goederen en het dwingen tot afgifte van toegangscodes.
Tijdens de openbare terechtzittingen op 11 en 15 april 2024 heeft de officier van justitie gevorderd tot vrijspraak, terwijl de verdediging eveneens pleitte voor vrijspraak wegens gebrek aan bewijs. De rechtbank concludeerde dat de enkele reisbewegingen van verdachte met een medeverdachte onvoldoende waren om medeplegen te bewijzen en dat er geen aanwijzingen waren dat verdachte cryptovaluta had ontvangen.
De rechtbank sprak verdachte vrij van alle feiten en verklaarde de benadeelde partij niet-ontvankelijk in haar vordering tot schadevergoeding van ruim €197.000 wegens het ontbreken van wettig en overtuigend bewijs. Beide partijen dragen hun eigen proceskosten. Tevens werd het reeds geschorste bevel tot voorlopige hechtenis opgeheven.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van alle tenlastegelegde feiten wegens gebrek aan bewijs.