ECLI:NL:RBNHO:2024:4714
Rechtbank Noord-Holland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen weigering verlenging Bbz-uitkering wegens niet-levensvatbaar bedrijf
Verzoeker heeft bij de gemeente Haarlem een verlenging van zijn Bbz-uitkering aangevraagd, welke is geweigerd op grond van een rapport van Jupister dat concludeert dat de onderneming niet levensvatbaar is. Verzoeker maakte bezwaar tegen dit besluit en vroeg vervolgens een voorlopige voorziening aan bij de rechtbank.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op 5 maart 2024 en oordeelde dat het rapport van Jupister zorgvuldig tot stand is gekomen en goed gemotiveerd is. Hoewel verzoeker stelde dat het rapport innerlijke tegenstrijdigheden bevatte, vond de rechter dat de conclusie over de niet-levensvatbaarheid in lijn is met eerdere adviezen en dat het niet verantwoord is om gemeenschapsgeld te besteden aan een niet-levensvatbare onderneming.
Daarnaast was er twijfel over het spoedeisend belang, aangezien verzoeker al in augustus 2023 had moeten weten dat de uitkering niet vanzelfsprekend verlengd zou worden. Gezien deze omstandigheden wees de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af en kende hij vrijstelling van griffierecht toe.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de weigering van verlenging van de Bbz-uitkering wordt afgewezen.