De moeder en stiefvader hebben bij de rechtbank Noord-Holland verzocht om gezamenlijk met het gezag over twee minderjarige kinderen belast te worden, waarbij de vader uit de ouderlijke macht is ontzet door een Oekraïense rechtbank. De kinderen wonen sinds hun vestiging in Nederland in een stabiel gezin met de moeder en stiefvader, die een nauwe persoonlijke band met hen hebben opgebouwd.
De vader voert geen verweer en is nauwelijks betrokken bij de opvoeding. De rechtbank constateert dat de Nederlandse rechter bevoegd is en dat de Oekraïense ontzettingsbeschikking erkend moet worden. De belangen van de kinderen worden het beste gediend door gezamenlijk gezag van moeder en stiefvader, ondanks dat de wettelijke termijn van drie jaar alleenstaand gezag nog niet volledig is verstreken.
Daarnaast wordt het verzoek tot wijziging van de geslachtsnaam van de kinderen in die van de stiefvader toegewezen, aangezien de kinderen hiermee instemmen en het belang van de kinderen dit niet tegenhoudt. De ambtenaar van de burgerlijke stand wordt gelast een latere vermelding aan de geboorteakten toe te voegen zodra deze zijn ingeschreven in de Nederlandse registers.