Uitspraak
RECHTBANK Noord-Holland
1.[eiser] ,
2.
[eiseres],
1.[gedaagde 1] ,
2.
[gedaagde 2],
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
primair€ 38.098,32 te vermeerderen met een bedrag aan minderwerk en wettelijke rente,
subsidiaireen bedrag aan nog te maken kosten, nader op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet, waarbij door de rechtbank wordt bepaald dat [gedaagden] voorafgaand aan de schadestaatprocedure voldoende zekerheid dienen te stellen voor een bedrag van € 38.098,32;
4.De beoordeling
5.De beslissing
woensdag 12 juni 2024voor het nemen van een akte door beide partijen over wat in 4.28 van dit vonnis is vermeld, waarbij [eisers] ook in de gelegenheid worden gesteld om zich uit te laten over wat in 4.32 van dit vonnis is vermeld,