ECLI:NL:RBNHO:2024:5009
Rechtbank Noord-Holland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Opheffing testamentair bewind wegens verantwoord beheer door erfgenaam
Op 28 december 2017 overleed de erflaatster die in haar testament van 21 december 2017 een testamentair bewind had ingesteld over de aan haar zoon, de verzoeker, nagelaten goederen. De verzoeker vroeg de rechtbank het testamentair bewind op te heffen en de goederen aan hem over te dragen.
De rechtbank stelde vast dat meer dan vijf jaar waren verstreken sinds het overlijden, zoals vereist in artikel 4:178 lid 2 BW Pro. Uit verklaringen van een voormalig sociaal psychiatrisch verpleegkundige en de bewindvoerder bleek dat de verzoeker stabiel is en geen financiële problemen heeft gehad. De bewindvoerder bevestigde dat de verzoeker goed met geld kan omgaan en dat het bewind oorspronkelijk was ingesteld vanwege de verwachte verkoop van een woning, terwijl de verzoeker deze woning nog steeds bewoont.
Gezien deze omstandigheden achtte de rechtbank aannemelijk dat de verzoeker de onder bewind staande goederen zelf verantwoord kan besturen. De rechtbank besloot het testamentair bewind op te heffen en verklaarde de beschikking uitvoerbaar bij voorraad. Het verzoek tot overdracht van de goederen werd afgewezen omdat het opheffen van het bewind automatisch leidt tot overdracht aan de verzoeker.
Uitkomst: Het testamentair bewind wordt opgeheven omdat de erfgenaam de goederen verantwoord kan beheren.